Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Papier, aantt. 10—12. 498

legenheid gegeven is de daarin op te nemen muziekstukken te vermelden. Res. 5 Mei 1898, no. 29.

schrijfmappen (vloeiboeken), met kalender en geschikt tot het maken van aanteekeningen. Res. 14 Oct. 1895, no. 53.

Verg. hierbij aant. 1, noot j, hiervoor, alsmede het artikel Kleurboekjes in aant. 3 op Boeken en het artikel Adreskaarten in aant. 2 op Drukwerk.

11. Met betrekking tot de als Papier belaste reclamekaarten en dergelijke wordt verwezen naar het artikel Reclamevoorwerpen.

12. Als papier van alle soorten te belasten: Adreskaarten van bordpapier, met ingeslagen vergulde

letters. Res. 16 Maart 1889, no. 52 ; 13 Juli 1896, no. 18; 10 Febr. 1897, no. 24, en 24 Febr. 1903, no. 79. Anticarbonaatpapier, zijndegeparaffineerdpapier, dat o.a. gebezigd wordt tot afsluiting van garantoloplossing (o), afzonderlijk ingevoerd. Res. 8 Juli 1908, no. 61, V. no. 85, sub 36.

(o) Zie het artikel Conserveeringsmiddel in aant. 21 op Kramerij.

Asbestbladpapier, dienende o.a. tot het brandvrij maken van tooneelschermen. Res. 2 Aug. 1893, no. 23.

Asbestflensblad, ook wel genaamd flenspapier (6). Res. 14 Aprü 1886, no. 7, V. no. 39.

(b) Verg. hierbij Asbestplaten in aant. 1 op Pakkingstof.

Banden of reepen van papier, dienende tot het beplakken van doozen (c). Res. 23 Dec. 1890, no. 17.

(c) Ook met teekeningen en vignetten bedrukt gekleurd papier, blijkbaar bestemd voor bekleeding van kartonnen doozen voor postpapier en dergelijke. Res. 4 Juli 1907, no. 13.

Bladaluminium, evenals bladtin of tinfoeüe (stanniol) gebezigd wordende ter verpakking van chocolade, enz. Res. 11 Mei 1911, no. 91, V. no. 109, sub 6.

Celluloid, bewerkt in bladen, wit of gekleurd, al of niet gepolijst, geschikt o.a. voor de vervaardiging van boorden, manchetten, enz. (d). Res. 24 Nov. 1900, no. 5, en 17 Mei 1901, no. 45.

(d) Volgens res. van 28 Januari 1910, no. 45, V. no. 20, sub 22, is celluloid in bladen, wit ot wel anders gekleurd, gepolijst of niet, en al dan niet geperforeerd, in tegenstelling met doorzichtig, ongeperforeerd celluloid, als bewerkt te beschouwen en te belasten als Papier van alle soorten of als Hoorn in bladen.

Celluloid in pijpen of stangen kan echter, volgens die resolutie, ook al is het wit of anders gekleurd, vrij van recht worden toegelaten.

Cellulosepraeparaat. Een in gekleurde en ongekleurde doorschijnende velletjes ingevoerd cellulosepraeparaat voor verpakking van eetwaren. Res. 28 Mei 1912, no. 90, V. v. V. no. 66, sub 19.

Collodionpapier, dienende voor de photographie. Res.

17 April 1893, no. 70. Decafqueerpapier. Res. 24 Mei 1870, no. 25. Filtreerpapier. Res. 18 Oct. 1905, no. 35. Films van lichtgevoelig geprepareerd doorschijnend celluloid,

welke nog niet zijn belicht en dus niet onder de onbelaste

prenten en platen gerangschikt kunnen worden. Res. 1 Sept.

1914, no. 26, V. v. V. no. 446, sub 17.

Sluiten