is toegevoegd aan je favorieten.

Catalogussen van de bij het stads-archief bewaarde archieven

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

298

X. Archief van de Armen-noophülp.

I. STUKKEN BETREFFENDE STICHTING EN BESTUUR DER INSTELLING.

2262. Stichtingsbrief van de Armen-noodhulp. 1496. (2 exemplaren.) 2 charters.

N.B. Blijkens de opschriften in dorso zijn dit de twee exemplaren, oorspronkelijk voor de archieven van het St. Barbara- en St. Laurens-gasthuis en het H. Kruis-gasthuis bestemd.

2263. Punten van behandeling voor de vergadering van Noodhulpmeesters op 9 September 1582. Met aanteekening van de genomen beslissingen. 1582. 1 stuk.

2264. Memoriën van de aftredende Noodhulpmeesters voor hun opvolgers betreffende loopende zaken. 1566—1598. 1 omslag.

2. STUKKEN BETREFFENDE HET BEHEER.

a. BEHEER IN HET ALGEMEEN.

2265. Cartularium van de Noodhulp, (c. 1550, bijgehouden tot 1652.) 2 deelen.

N.B. Gemerkt B1 en B2. B1 bevat hoofdzakelijk afschriften van rentebrieven, B3 is grootendeels samengesteld uit bijeengevoegde losse afschriften van en uittreksels uit testamenten en bijbehoorende stukken. Deel A. ontbreekt. Blijkens de verwijzingen, voorkomende in het Pacht- en renteboek, hierna n° 2267, moet dit deel afschriften van eigendomsbewijzen van landerijen, leen- en erfpachtbrieven, eigendomsbewijzen van oudeigens enz, bevat hebben.

2266. Manuaal van de inkomsten en uitgaven van de Noodhulp. 1550/1. 1 stuk.

2267. Pacht- en renteboeck. Manuaal van de inkomsten van de Noodhulp. 1630—1641. 1 deel.

2268. Rekeningen van de Noodhulp:

a. van den bewaarder (noodhulpmeester, superintendent, president). 1503—1505. 1509, 1584/5—1597/8, 1598/1600—1632/4, 1642/4-1646/8, 1650/2—1654/6, 1660/2—1664/6, 1668/70, 1670/2, 1674/6—1678/80, 1682/4—1690/2, 1692/3, 1693/4, 1694/6—1702/4, 1708/10—1712/4, 1716/8, 1718/9, 1719/20, 1720/22, 1727/8, 1728/30—1734/Ó, 1740/2— 1748/50, i752/4, 1754/6, 1764,6, 1768/70—1774/6, 1803/4, 1808/9;

b. van den rentmeester. 1815/6, 1816/7. 7 deelen.

N.B. De benaming „noodhulpmeester" komt in de rekeningen voor sedert 1584, die van „superintendent" sedert 1614, die van „president" sedert 1803.