Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

8

Voorwoord.

ook deze woorden van troost en onderwijs, van vermaning en waarschuwing tot hem als een blijvende liefdesbetuiging van den destijds in den hemel levenden Bruidegom aan Zijn op aarde in vreemdelingschap verkeerende bruid. Daarom is er voor de geloovige ziel onder al de litteratuur van de geheele wereld niets, wat haar zoo zeer aangrijpt, beweegt en verheft, met troost en vreugde vervult, zoo boeit, haar steeds weer tot zich trekt, dan dit boek."

Bij deze getuigenissen kan zich de schrijver dezes uit eigen ervaring volkomen aansluiten. Het is nu 35 jaren geleden, dat hij door onderzoek van een werk over Daniël en de Openbaring door U. Smith tot de vaste overtuiging kwam, dat de Heilige Schrift waarlijk het Woord Gods is. Dit gaf hem vréde en vreugde, en de zalige hoop, dat Zijn Heiland spoedig zou wederkomen. Sedert dien mocht hij deze blijde boodschap in vier werelddeelen verkondigen, en hoe meer hij deze boeken onderzocht, des te duidelijker en dierbaarder werd hem haar inhoud. Hierdoor ontstond bij hem de begeerte om „De Ziener aan het hof te Babel" uit te geven, dat in zeker opzicht de inleiding is van de Openbaring; en toen deze een goeden bijval vond, vatte hij den moed, om in overeenstemming met den wensch van duizenden lezers, ook de Openbaring te laten volgen. Deze werken zijn nu reeds uitgegeven in de Duitsche, Deensche, Zweedsche en Finsche talen. Het is het innigste verlangen van den schrijver, dat dit boek bij eiken lezer niet alleen mag bijdragen tot een recht verstaan van het boek der Openbaring, maar ook tot zijn persoonlijke volmaking naar het beeld van Christus. En hebben de woorden van de Openbaring in het verleden reeds menigmaal Gods volk te midden van de grootste moeielijkheden en vervolgingen vertroost, opgebeurd en verlevendigd, zoo mag dit met ons, in den tijd van het einde, nu haar profetieën verder zijn ontvouwd en vervuld, des te meer het geval zijn. „Zalig is hij, die leest, en zijn zij, die hoofen de woorden dezer profetie, en die bewaren, hetgeen in dezelve geschreven is; want de tijd is nabij."

DE SCHRIJVER.

Sluiten