is toegevoegd aan uw favorieten.

De gewijzigde kieswet met uitvoeringsbesluiten en bijlagen ; toegelicht, vooral met het oog op de praktijk

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Artikel 86.

105

1. In dit artikel zijn als gevolg van het nieuwe kiesstelsel enkele Elke Meïer redactioneele wijzigingen van geheel ondergeschikte beteekenis aanee- één bracht. In dat stelsel zal de kiezer nimmer meer dan één stem mogen * uitbrengen. Vandaar dat thans van onwaarde wordt verklaard het biljet, waarop in meer dan één stemvak het wit stipje zwart gemaakt is. Analoog

aan deze uitdrukking is ook van onwaarde het büjet, waarop in geen stemvak het wit stipje zwart is gemaakt.

2. Een stembiljet moet van onwaarde worden verklaard, indien het in Het sfemuiterlyken vorm aïwijkt van de bepalingen van art. 69 of van den daarin vo&lTZL genoemden algemeenen maatregel van bestuur, doordien het bijv. op tSS. gekleurd, papier gedrukt is, een anderen dan rechthoekigen vorm heeft doorschijnend is, enz. Zie ook Weekbl. Burg. Adm. 3031.

3. Op grond van den aanhef van art. 89 (thans 86) moet een stem- Het „tembiljet, met bestemd voor de verkiezing, in welker bus het aangetroffen nfdeXrwordt, van ontaarde verklaard worden. Gem. Stem 3218—15. In ge- bw^d™ lijken zin: Weekbl. Bond Gem.-Ambt. 517. Het zal intusschen wel St" met meer voorkomen, dat voor twee verkiezingen tegelijk wordt gestemd.

4. De bepaling, volgens welke verschalende onschuldige „bijvoegingen" Bijvoegingen het stembiljet met van onwaarde maken, is in 1900 in het artikeLop- Zmmet genomen.

In de M. v. T. blz. 11 werd deze aanvulling als volgt toegelicht-

„De ondergeteekende meent (intusschen), dat aan de meermalen gerezen bezwaren voor een overgroot gedeelte kan worden tegemoet gekomen door in de wet een aanvulling neer te schrijven, welke de velerlei schier onoplosbare geschillen, door angstvallige interpretatie van het woord „bijvoegingen" in art. 89 (thans 86) veroorzaakt, ter zijde stelt

Naar het hem toeschijnt is een opvatting, welke zich niet aan de letter der bepaling vastklampt, doch met haar ratio volkomen strookt met juistheid weergegeven in het nader verslag der commissie voor het onderzoek der geloofsbrieven ter zake van de verkiezing van een hd der Tweede Kamer in het kiesdistrict Sneek op 25 Juni 1897 (gedrukte stukken, zitting 1897-1898, 87, no. 2). De nieuw voorgestelde bepaling sluit zich bij de eindconclusie dier commissie geheel en al aan. Niet elke „bijvoeging" in formeelen objectieven zin is tevens als opzettelijk gewilde „bijvoeging" in materieelen subjectieven zin aan te merken In het nieuwe hd wordt eenerzijds de vooropgestelde bedoeling van het artikel m het oog gehouden, anderzijds met partijtrekken van de keringen der praktijk uitdrukkehjk de twijfel weggenomen, die ter zake van inderdaad onschuldige „bijvoegingen" zoude kunnen worden geopperd."

Naar aanleiding van de in het V. V. 2de Kamer, blzz. 21 en 22 gemaakte opmerkingen, het de Regeering bij nota van wijziging vervalkn