is toegevoegd aan uw favorieten.

Freule Edith

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

EDITH LEERT MEVROUW RONNINGA KENNEN

115

Toen haar vader de gasten aan het station te Nijmegen verwelkomde, was zij er natuurlijk niet bij. Daar voelde ze zich te veel voor.

Eerst later, toen men aan de lunchtafel in de eetzaal zat, kwam ze.

Mare, voor het oogenblik een en al levenslust door Rose's geluk, vertelde juist van zijn kluchtig onderhoud met juffrouw ten Koelen, die maar niet kon en wilde gelooven, dat Rose geëngageerd was, en van zijn kennismaking met juffrouw Teeuwisse, die geroepen had „c'est cal" en er precies weer uitzag of ze er het hare van dacht, volgens Rose, en het zeker ongepermitteerd vond in haar jaloerschheid; arm mensch.

Rose ging nu niet weer naar de kostschool terug. Ze zou in het najaar trouwen en den zomer op den Heeghenhorst doorbrengen. In het laatste jaar had ze een tamelijk salaris verdiend bij juffrouw ten Koelen, en zij deed haar gastheer hartelijk lachen, door alles op te noemen wat zij er niet en wel voor zou koopen. „Je hebt niets te koopen, ik ben je papa, en ik koop alles."

Hij knikte mevrouw Ronninga knipoogend toe. Die Rose had zoo iets zonnigs en vroolijks, dat ze hem voor een uurtje alle zorgen wegbande als met een tooverstaf! Was Edith maar zóó geweest en wat minder mooi.

Er heerschte een eenigszins onthutste stilte, toen Edith binnenkwam in haar licht sleepend theerozenkleur kleed. Ze had voor vandaag iets heel statigs en ceremonieels in haar optreden, en die feeëngestalte daar op eens tredend door die donkere eikenhouten deur, imponeerde de gasten zoo, dat ze onwillekeurig opstonden en bogen als voor een prinses. Mare boog niet, maar hij stond op natuurlijk. Het deed den baron pijnlijk aan. Hij had viel liever gewild dat ze met ongegeneerde vriendelijkheid op den dokter en zijn mama