Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DEURLOOPOLDER

499

weder belangrijke uitgaven. Met diens eigen inkomsten zou de polder zelfs niet te behouden zijn geweest, maar van tijd tot tijd vloeiden aanzienlijke bijdragen vanwege de Staten daaraan toe. En zelfs onder het genot van die ondersteuningen moesten enkele malen nog leeningen worden gesloten, om de dringend noodzakelijke werken te bekostigen. Vooral was dit het geval op het einde der XVIIe eeuw, toen, zoo tot verhooging van den dijk, als tot vernieuwing van de bestaande zeewerken, groote uitgaven vielen te bestrijden.

Maar Deurloo is 3 Maart 1715 andermaal door overvloeiïng en doorbraak weder geïnundeerd, (a) De polder lag door dit ongeval zelfs lang onder water. Diens dijk was allerwege aan den binnenkant in gevaarlijke mate ontgrond en over 50 Roeden; of 205 Meter geheel of ongeveer tot op het maaiveld weggespoeld. De kosten tot herstel werden geraamd op 6l/2£ per Gemet ofopf5'650 voor de geheele oppervlakte.

Met het oog op de uitgaven, om den dijk te herstellen en tevens om dien reeds over deszelfs gansche lengte niet minder dan over drie Putsche voeten of 1,20 Meter te verhoogen, was door heeren van de provinciale Rekenkamer, op advies van 's Lands-Inspecteurs, den Staten ook in overweging gegeven, om het aan ingelanden in 1687 verleende dertigjarige octrooi tot vrijstelling van alle Statenlasten, nog met 14 jaar te verlengen.

Na het gevolgde herstel en de zoo aanzienlijke verhooging van den dijk, brak eindelijk dan nu toch ook wezenlijk een periode van eenige verademing aan en dat met het verrichte alsnu veel en groot gevaar voor eenigen tijd was afgewend, blijkt, dat hier zelfs van geenerlei schade wordt gewag gemaakt, als door de stormvloeden van 1717 en 1775 te zijn aangericht. Maar toch was de kalmte en de rust niet van langen duur. Tegen het einde van de XVIIIe eeuw was het onderhoud althans weder zeer drukkend. Gedurig vond opneming van kapitaal plaats. Vooral geschiedde dit in de jaren 1783, 1784 en

(a) Het Mtij Tan 3 Maart 1715 liep te Tholen, 0,35 a 0,40 M. hooger dan dat van 26 Januari 1682.

Sluiten