is toegevoegd aan uw favorieten.

Verslag van het congres ter bespreking van de prae-adviezen betreffende de voedselvoorziening van Nederlandsch-Indië (publicaties 6 en 7)

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

115

tasten aan het verworven product dat hn" dus ingrijpt in de verdeeling dan dat hn* met zijn grove organen raakt aan het fijne raderwerk van de organisatie der bestaande productie.

Niemand anders dan Kautsky, een autoriteit, die zelfs wel door den heer Muhlenfeldt niet verdacht zal worden van door een suikerbril te kijken, heeft er op gewezen dat, hoezeer men moet streven naar socialisatie der productie, men juist daarom moet oppassen die productie niet te ontwrichten.

Mijnheer de Voorzitter, nog een enkel woord om nog even te onderstreepen wat de grondslag van mijn betoog uitmaakt.

Het is dit, dat men bij de oplossing van het aan de orde gestelde vraagstuk goed zal doen als beginsel aan te nemen, dat de vermeerdering van de voedselproductie moet geschieden naast de thans bestaande productie en niet in plaats van de thans bestaande productie.

De Voorzitter: Thans geef ik het woord aan den heer Abdoel Moeis.

De heer Abdoel Moeis: Mijnheer de Voorzitter, tien minuten is heusch niet veel, maar ik zal myn best doen dien tijd alleen maar met een paar minuten te overschrijden.

Het is niet mijn bedoeling mij te begeven op het terrein van het cijfermateriaal, maar ik wil in dit verband slechts opmerken, dat het bespottelijk is dat de heer de Savornin Lohman tracht de cijfers van de heeren Lulofs en van Vuuren af te breken, waar wij weten, dat de heeren Lulofs en de Savornin Lohman beiden hun cijfers hebben betrokken van een en denzelfden persoon, namelijk het desahoofd.

Of willen zij misschien beweren dat zij die van iemand anders hebben ?

Welnu, als hier in ons midden dan een desahoofd was en hg den moed had om hier het woord te vragen, zou hn' zeggen: U heeft beiden ongelijk, beide malen heb ik mij eigenlijk vergist, toen ik U die cijfers verschafte!

Thans ter zake.

Het praeadvies van den heer Lulofs doorlezende, trof mij bijzonder, dat steeds gesproken wordt van een „vaderlijk gezag" «vér ons, een gezag, dat hierop gebaseerd is, dat de vader