Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

PLACHR.

S0«

PLA8II.

Plaeer, pie(»)sa, goudbevattend terrein, al luvi aal-goud mijn (ƒ•('«.); goudwasscherij.

Placht, plasid, kalm, rustig, vreedzaam; —ity, plesiditi.

Placket, plakit, zak v. vrouwenrok (— Inde, split daarvoor); —(Placquct)fastcncrs, drukknoopjes, ete.

Plagiarlsm. plcidüini.sm, letterdieverij.

Plagiarisl. pleidziarisf, letterdief; ]'ladlarize, letterdieverij plegen.

Plaque.pleio,posl, plaag, ramp, bezoeking; I! met de pc.sl besmetten, met eenigeramp bezoeken; kwellen, plagen: (A) — on hts sentiment?, laat hij mei zijne, opinies naar den duivel loopen; Vou little —, kleine ra k ker ! sore, pestbuil; spot, pestbuil, schandvlek; plaa I s. waar de. pest is

Plaguy, pleigi, pest . ., besmettelijk, ellendig, ondragelijk; Plaguily, veel, zeer.

Plaiee, schol.

Plaid, plod, pleid, geruite wollen omslagdoek in Schotland; r cisd eken ;Hooglan der.

Plain, vlakte, oppervlak, veld; || vlak, open, helder, duidelijk, eenvoudig, van één kleur ;ni et se boon,leid ij k; || klagen, weeklagen, uitleggen (vero.): As—us palnt, zoo duidelijk als wat; — bread and butler, eenvoudige boterham; Sausage and —, worst met gekookte aardappelen; In

— dollies, in burger kleeren (politiek); — (ace, alledaagsclpnict mooi;— man,eenvoudig; Iu— teems, ronduit; That's the

— truth, dat is de zuivere waarheid; He pol it very—, drukte zich zeer duidelijk

uil; — rooking, burgerpot; dealer,

oprecht cn eerlijk man; dealing, opreed I beid,rondheid; — needlework (nuttige, tegeno. Fancyneedleviork, fraaie) handwerken; — nolepaper, schrij fpapier zonder naam, enz. erop; — and illustrated (picture) posteards; His all — sailing, 't gaal als van ecu leien dakje ; —sman.

vlak I e bewoner; song, koraalgezang;

speaking, openhartigheid, oprechtheid; spoken, openhartig, rond;

work. nuttige handwerken.

Plainl, plein!, weeklacht, klaaglied; aanklacht: Urge —s against, inbrengen.

Platntill, pleinlij, (aan)klager, eischer.

Plainlive. jammerend, klagend, droevig.

Plait, plal, platte vouw. plooi; vlecht; || vouwen, plooien, vlechten: She carefully removss my —s (valsche vlechten of valsch haar).

Plan, ontwerp, plan, schets, metbode; lijst v. preekbeurten; || een plan maken; schetsen, ontwerpen, beoogeu: (lust —s in tbr mind, innerlijk plannen maken; The besl {heller) — would bc, bel beste zou zijn; — oi eampaign. krijgsplan ;— oi silo, situaI iel rekening; On an enlirelg new—.volgens eene gebeid nieuwe mei bode: The — lell away (llirougli). viel in duigen; I have changed my —s, ik ben van plan veranderd; They were alvtays—ning and plotting, aan het plannen maken en samenzweren: — a curriculum, een leerplan ontwerpen; —ned /own, ontwerp v. een stad; — out, ontwerpen; —less; —nee; —ning {liuiiiupiml) I ie pari ment, bouwkundig bureau.

Planchet, planstl, muntplaatje.

Plune, plein, vlak, effen; || vlak, oppervlak,

sfeer, schaal'; plataan; vleugel van vliegmachine; || effenen, schaven, dalen j" „vol plané"; On the sa me — wilh, in dezelfde sfeer als; — chart, kaart naai' Mercator»projectie; — gcomctr.v, vlakt1' meetkunde; —r, schaver; schaal'; Z. Ptd" ning; — (Plain) sailing. zeilen op een gelijkgradige kaart; eenvoudige, zaak ; —" lable, planchet (in graden verdeeld, instrument voor landmeten); meettafel; tree,

plataanboom.

Planet, plauil, planeet, kazuifel: —ariuiiiplAnatêriam, planetarium; —ary. veroorzaakt door planeten; aardscb, dwalend, planeet...:—ary system; —oid, plaiuil""1'

asteroïd; struck (-stricken), dooi' dub

invloed van planeten getroffen, (als) verlamd; wheel, planeetrad. .

Plangent,plon»'n/.,luid klinkend, klotsend-

Planimetrie!al), ple.\nime,trih('I), plnnim'" trih('l), planimetriscli; Planimetry, nimotri, vlakke meetkunde.

Plaiiing, pleinin: —— bench, schaafbank' machine, schaafmachine. ,

Planish, planis, planeercn, polijsten, pi*1 ten; —er.

Planisphere, planisfin, planisfecr. . ,,;

Plank, plank; beginsel van een politie» programma; || met planken beleggen 1 bedekken; storten (o sum oj runnen), iP" ... leggen (gooien: — down): 'The IJbrrff. made lliis a — in their platform, pW*„ sten... op hun program; Walk the —■, (b' dwongen) ontslag nemen; The pirates iwl Iheir captives walk the —, spoelden " gevangenen de voeten; —ed way. PJ,8 kier; bed, brits; bridge, vonder; f.

Plano, pleinou: concave, plancoh''jl'ir

conical, planconiscb; eoaiiei, 1"'

convex; Planometer. ,.al

Plant, plant, plant,gewas; al bet mater'' ', voor bepaalden arbeid; installatie; c<> plot, bedriegerij, zwendel; || (be)pla'" vestigen, neerzetten, zaaien, polen (!",.,„ locs), in den steek laten, bedriegelijk V ' opzetten; — lessons,... in de bolan"':,*» —, groeiend; Lose —, (af)slerven; ),e (Fail in) —, niet opkomen; I am s"ra'1jlil has some — on, dat. hij iels in hel s'r,.ivoert; —one's blows (up)on, doen ',(|„u' dalen op; —ing his right foot wilh s force on the ground, neerzettende; ■— 'nt, self /oursquare,zich schrap zetten;—-. etuitzetten;—cane, suikerriet van 1" ,,,,,■/•' ste jaar; —cr, planter, stichter (''• '(,sb.r.); —ing-ground. (kunslmalige' ,.,.|'.

terbank; louse, bladluis; n""

naambordje (hij plant); thinner.

Plaiitain. plantin, weegbree; pisan-' ppi"

Pla nlalioii.pl.ardeii'n,aan plant ing,"1',1b' ling, plantage, nederzetting, kol»>''|p,ir

Plantigrade, piaiiligrcid, op de /.ol'pend; zoolgangcr: His walk was '•

Plantiet, pldntlit, plantje. -ui"'1

Plaatocracy, pl'ntohnsi, de rijke planters (W.-ïnd.).

Plap, kletteren (v. water). nih"'1

Plague. pldli. m em: rd ol' bcscl" „.,p',

'd (aan den wand); sier van ecu

schiif; Plaquette, plckel. pla<['" ' . pi"'1'

Plasb. geklots, geplas („/ lhe »"''-.'. ,,|;..-;

plas; || d 'een vlecht en van I a k k' 1 ; ,.|cb-

sou, klateren {van funtein); sl"'1

Sluiten