Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

468

14 beweegbare bruggen; wijd minstens 6 M.

2 schutsluizen.

Jaagpad.

In beheer bij de Prov. Overijssel.

Van toepassing zijn op het gedeelte in Overijssel het reglement voor de Dedemsvaart enz. (21); op het gedeelte in Drenthe het voor dit vaarwater vastgestelde „Reglement van politie" van 12 Juli 1898, Pr.bl. n° 35, met wijzigingen, dat ook op de Coevordergracht toepasselijk is, voor zoover deze de verbinding tusschen de Lutterhoofdwijk en het kanaal Coevorden—Alte Picardie vormt; op beide gedeelten: het „Alg. Reglement van politie voor rivieren en Rijkskanalen" (zie bl. 13), in zoo verre niet uitdrukkelijk het tegendeel is aangegeven, en het „Reglement op de heffingen op de Dedemsvaart en aanhoorigheden"; zie (21).

De grootste geoorloofde afmetingen op het kanaaldeel in Overijssel zijn dezelfde als voor de Dedemsvaart vastgesteld; in de Prov. Drenthe eveneens wat diepgang en breedte betreft, lengte met roer in geopenden stand van de sluis in den Trageldijk 43,30 M. en bij gesloten stand dezer sluis 32 M.

Beperking van den diepgang tengevolge van lagen waterstand wordt ook in Drenthe door de sluis- en brugwachter bekend gemaakt.

Op het geheele kanaaldeel worden vaartuigen, door mechanische kracht voortbewogen, niet toegelaten, tenzij met vergunning als bij de Dedemsvaart omschreven (21).

Behoudens door G. St. van Overijssel of door den Hoofdingenieur van ^den Provincialen Waterstaat in Overijssel te verleenen ontheffing, blijven de sluizen en bruggen gesloten:

a. op Zondagen en Christelijke feestdagen;

b. op werkdagen van 1 Maart tot 15 November van 7 uur n.m. tot 6 uur v.m.;

c. op werkdagen van 15 November tot 1 Maait; van 6 uur n.m. tot 7 uur v.m.

Waar zich het spoor van den stoomtram langs de Lutterhoofdwijk bevindt tusschen den kunstweg en het jaagpad moeten schippers bij het naderen van een trein

Sluiten