is toegevoegd aan uw favorieten.

Antwoord van burgemeester en wethouders van Bloemendaal op het voorstel van het gemeentebestuur van Haarlem tot grenswijziging (1917), uitgebracht aan Gedeputeerde Staten van Noordholland, 6 februari 1918

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

84

Minister Heemskerk diende het ontwerp in, en beide kamers namen het aan, zonder beraadslaging en hoofdelijke stemming,

No. 29. Verandering tusschen Rotterdam en Schiedam.

i Juli 1909. S No. 243,

Rotterdam wordt hier weer vergroot, nu in de richting Schiedam, en wel met terreinen die zij voor de rationeele en geleidelijke ontwikkeling van haar stad en havengebied noodig heeft, in het algemeen belang. Het ontwerp is eerst aanhangig gemaakt toen de beide gemeenten tot volkomen overeenstemming waren gekomen. Rotterdam kwam aan veel eischen van Schiedam tegemoet, beloofde haar een uitkeering tot een bedrag van ƒ 75.000.—.

Naar aanleiding van een later vervallen artikel 3, dat overgang van gemeenteeigendommen en -werken in het overgaande gebied bepaalde, vroegen enkele leden der Commissie van Rapporteurs, welke titel hier in de openbare registers zou moeten worden ingeschreven, nu een acte, krachtens welke die overgang plaats heeft, ontbreekt. Men wilde liever dat die eigendommen bij overeenkomst tusschen de 2 gemeenten zouden worden overgedragen, vond, dat de bepaling gemist kon worden, evenals de uitkeering van ƒ 75.000.— ook niet in de wet opgenomen is. Dan vond men die bepaling in strijd met art. 639 Burgerlijk Wetboek, dat de wijzen van eigendomsverkrijging aanwijst, en met art. 151 der Grondwet.

Art. 3 is toen vervallen.

Het ontwerp was onderteekend door Minister Heemskerk en is zonder stemming aangenomen.

No. 30. Verandering tusschen Groningen 'en Noorddijk,

14 Juli 1910. S No. 208.

A r t. 3. Door de gemeente Groningen wordt binnen twee maanden na de inwerkingtreding dezer wet aan de gemeente Noorddijk uitgekeerd een som van ƒ 500.—.