is toegevoegd aan uw favorieten.

Socialisme en wereldbeschouwing

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

volkomenheid behoort te zijn. Het komt ons niet aannemelijk voor, dat dit de ware bedoeling zou zijn. van een philosoof als Kant, die aan het principe der algemeene wetgeving en aan de Idee der menschheid zulk een hooge beteekenis toekent en die de zedewet ook aldus heeft geformuleerd: handel zoo, dat ge de menschheid zoowel in uw eigen persoon als in die van ieder ander te allen tijde tegelijk als doel en nooit slechts als middel gebruikt. Het is echter een feit, dat aan de gezindheidsmoraal meermalen een wending gegeven wordt in dezen zin, als zouden we bij onze handelingen de volmaking onzer gezindheid in het centrum hebben te stellen. Zoo wordt in sommige tot dualisme geneigde theologische kringen bij gelegenheid de opvatting verdedigd, dat we in laatste instantie alleen te zorgen hebben voor onze eigen persoonlijkheid. Het kriterium nu, door een dergelijke gezindheidsmoraal geïnvolveerd, wordt door Heymans aan een o.i. rechtmatige kritiek onderworpen.

Kan iemand een hooger doel nastreven dan de zedelijke volkomenheid van zijn persoon ? Heymans merkt hieromtrent het volgende op (Ethik § 24) : „Dit is inderdaad het hoogste doel, dat iemand voor zichzelf kan nastreven. Wie evenwel deze zedelijke volkomenheid uitsluitend of voornamelijk voor zichzelf nastreeft, wie bij ieder dilemma slechts vraagt: hoe houd ik mijn handen rein ? en de anderen laat zorgen voor hun eigen reinheid; wie derhalve in laatste instantie slechts werkt aan zichzelf en niet aan de wereld, — die staat zedelijk op een niveau, dat men als den hoogsten vorm van egoïsme kan aanduiden, maar in ieder geval nog als egoïsme moet aanduiden. Wanneer de despotie van het ik, de concentratie van het denken en willen op de eigen persoon de grond en het wezen aller onzedelijkheid is, en wanneer omgekeerd het zich-vergeten en zich-ten-offer-brengen, de onvoorwaardelijke overgave van zichzelf aan hoogere waarden het toppunt der zedelijkheid beteekent, dan moet het ons als een zonderlinge vermenging van zedelijkheid en onzedelijkheid, als een triomf van de onzedelijkheid in de zedelijkheid voorkomen, wanneer alle krachten worden aangewend tot de verwerkelijking van de hoogste waarden — maar slechts tot de verwerkelijking daarvan in de eigen persoon." ,,De hoogste zedelijkheid, die zich geheel van het ik had bevrijd, zou zich om de eigen volkomenheid niet meer bekommeren, dan om die van anderen en juist daardoor de eerste bereikt hebben." „Men denke zich een man, die een kring, voor wier zedelijke verheffing hij met succes gewerkt heeft en nog werken kan, aan zichzelf zou overlaten, omdat hij daar dingen hoort of ziet, die aan de reinheid

108