is toegevoegd aan uw favorieten.

De dure tijd

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

91

een gekleede jas, die gezien mag worden. Niet groen en versleten op de naden, zooals bij de meeste heeren tegenwoordig...

„De kleeding is niet alles...

„Natuurlijk niet, maar 't is voor hen een prettig gevoel, dat ze niet bij ons behoeven af te steken. De tantetjes zou ik er ook dolgraag bij hebben, maar die zouden zich geneeren... och! ze zien er zoo schunnigjes uit. Daarom spijt het mij wel, dat ik geen rijk huwelijk doe ... dan kun je zoo heerlijk veel geven ...

„Je kunt je nog bedenken" zegt hij, sober.

Maar zij, onstuimig hartelijk: „Dat weet je wel beter. Trouwens, als ik dat gewild had, zou ik Louis van Eerdbeek wel genomen hebben." *

„Dus profiteert zijn vrouw van het voorrecht van té kunnen geven?" spot Hans.

„Heelemaal niet. Zus Veering en geven! Nu ja, ze presenteert, als je er bent... maar ja, 't is misschieii Ieelijk van me om het te zeggen, maar je hebt altijd zoo 't gevoel, alsof ze 't meer uit protzerigheid dan uit echte gastvijheid aanbiedt. Maar, vent wat zijn wij afgedwaald. We hadden over onze bruidspartij...

„Och! daar zal wel niets van komen. Heusch kind, bijpassen, zooals jij in de onschuldige goedheid van je hart voorstelde, is absoluut uitgesloten. Ik zou waarachtig niet weten, waar ik een zeventig, tachtig gulden vandaan moest halen ...

„Ik heb nog wel wat op mijn spaarboekje, Hans."

„O! bewaar dat als-je-blieft maar. Dat is een veel te kostbare bezitting. We zijn toch al boven ons boekje gegaan met onze woning."