is toegevoegd aan je favorieten.

De freule van de Renthoeve

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

299

stond hij daar onheilspellend als de schaduw van een boos verleden, zij voelde, dat hij de eenige was die een licht kon werpen over den donkeren weg dien zij ging.

„Bakker!" riep zij uit. „O, dat jij hier komen moest. Ik geloof dat ik verdwaald ben. Kun je mij den weg wijzen?"

„Ik weet waar de man woont, die de papieren heeft," gaf hij ten antwoord. „Hij zat den heelen morgen te drinken en te zwetsen in een herberg. Hij zegt, dat hij ze aan je verkoopen wil. Als je hem zoekt, dan kan ik je bij hem brengen."

„Naar de herberg? Neen, dat doe ik niet."

„Dan naar zijn huis. Je kunt daar op hem wachten, als hij nog niet thuis is."

„Is het ver weg?" zij aarzelde.

„Be weet het niet. Voor mij is alles dichtbij. Het kan mij niet schelen of de weg ver is. 't Is alles voor Klaas."

„Zou hij het goed vinden, datje mij daar bracht?"

Hij stond een oogenblik stil, verwonderd, en nadenkend over die vraag.

„Van nacht heb ik hem gezien. Hij lag onder het ijs, hij schudde zijn vuist en zei, dat ik het doen moest."

„Dan zullen wij gaan. Ik geloof zoo vast, dat God