Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

7

Wanneer men de vliegongelukken bestudeert, dan ziet men dat deze in verschillende groepen kunnen worden verdeeld, en zal men tot de conclusie komen, dat het grootste deel dezer ongelukken onder 2 groepen kunnen worden gebracht, die hun oorzaken vinden in de volgende feiten:

ie. dat er niet voldoende geschikte landingsterreinen aanwezig zijn, waar de vliegeniers hun toevlucht kunnen zoeken als hun motor weigert. 2e. de onbedrevenheid der vliegeniers zelf.

Alle vliegongelukken, behalve misschien die welke op de vliegscholen met leerlingen plaats vinden, zouden voorkomen kunnen worden, als deze beide oorzaken weggenomen waren. Velen denken nog wel dat de oorzaken ook liggen in de gebrekkige constructie der vliegtuigen, maar dat is niet waar. De constructie der vliegtuigen is in de laatste jaren zóó verbeterd, dat het breken of defect raken van vliegtoestellen gedurende de vlucht tot het verleden behoort.

Een enkele maal is het wel voorgekomen, dat een vliegtuig in brand is gevlogen, doch dan was de oorzaak hiervan altijd te zoeken in een constructiefout, die men tegenwoordig ondervangen heeft. Wanneer een vliegtuig valt en de benzinereservoirs zijn gebroken, dan kan het wel gebeuren dat de benzinedamp in aanraking komt met een vonk en brand veroorzaakt, maar dit vallen van toestellen en dus ook het verbranden er van zal veel verminderen, als eerst over de geheele wereld een voldoende aantal landingsterreinen zijn gereed gemaakt. Vallen van vliegtuigen toch is veelal niets anders als het eindresultaat van eene mislukte landing, die meestal weer het' gevolg is van het slechte terrein, waarop de vliegeniers bij hunne noodlandingen terecht komen.

Een andere questie die men bij het toekomstige luchtverkeer wel onder de oogen moet zien is het verdwalen van toestellen in den mist of in de wolken. Niet dat men dit nu dadelijk tot de ongelukken behoeft te rekenen, maar het verdwalen kan soms ernstige gevolgen hebben, vooral wanneer een aviateur den weg geheel kwijt is en op onbekend terrein eene landing moet ondernemen, teneinde zich te oriènteeren of naar den weg te vragen. Het verdwalen in den mist zal ook al minder voorkomen als men eenmaal over een voldoende aantal geschikte landingsterreinen kan beschikken. Mist toch komt meestal slechts plaatselijk voor en de mistbanken zijn zelden hooger dan 700 a 800 Meter. Komt dus een vliegenier op zijn weg een dergelijke

Sluiten