is toegevoegd aan uw favorieten.

De Reglementen der Nederlandsche Hervormde Kerk met aanteekeningen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

102

REGL. OP DE ERKENNING VAN NIEUWE GEMEENTEN. — Art. 5—8.

Art. 5. Bij de aanvraag in art. 2 bedoeld, worden overgelegd: a) eene kaart of plattegrondsteekening, aanwijzende de kadastrale uitgestrektheid, indeeling en begrenzing van de nieuwe gemeente, welker oprichting wordt verlangd; b) eene juiste opgaaf van het:g«ai*aer4lll' maten en leden, die de nieuwe gemeente zullen uitmaken; c) een voldoend bewijs, dat de gelden, voor het predikantstraktement benoodigd, in den regel 'althans voor de helft, gevonden zijn?1); d) een nauwkeurig bericht aangaande hetgeen bereids geschied is en, zoo noodig, nog geschieden zal, ten einde te voorzien in de behoefte der nieuwe gemeente aan een kerkgebouw en een pastorie; e) eene opgaaf van de middelen, waaruit in de behoeften van den openbaren eeredienst zal kunnen voorzien worden.

*) Dit staat in verband met de mogelijkheid om aan de Regeering een „alterum tantum" te vragen. (Ministerieele aanschrijving aan de Prov. Colleges van toezicht, van 25 Aug. 1827, |F <j5ïT Vgl. M. W. L. van Alphen, Nieuw Kerkelijk Handboek, Jaarg. 1884, Bijl. J. bl. 58—111. Nadat langen tijd geene nieuwe rijkstraktementen waren toegekend, is echter in de laatste 18 jaren daarin verbetering gekomen, doordien de Regeering aannam, dat, Warneer de gemeente ontstaan is, hetzij ten gevolge van handelingen van de Regeering zeil, hetzij «oor vroeger niet te voorzienen aanwas van bevolking ten gevolge van1 ontginningen, bouwen • van fabrieken en dergelijke, een rijkstraktement werd toegekend bij Koninkl. Besluit. B.v. voor de 3e predikantsplaats te 's-Gravenzande (voor den Hoek van Holland), de 2e pred.plaats te Velsen (voor IJmuiden), Glanerbrug, Nijverdal, .■TOeuw-Weerdinge. De Krim, voor de 2e pred.-

plaats te Spaarndam (Schoterkwartier, thans 4e gemeente Schoten), voor de 3e pred.-plaats te Feijenoord, voor onderscheidene buurtgemeenten van Heerlen, voor Hansweert.

-*WlP6. De kerkelijke Besturen nemen op het verzoek om als eene zelfstandige gemeente^ erkend te worden, geen besluit, dan na alvorens de betrokken Kerkeraden te hebben gehoord en in gemeen overleg met de Provincialp Colleges van toezicht, die de belanghebbende administratiën hooren. *)

1) Indien de gemeenten niet onder toezicht staan, behooren door tusschenkomst van de Class. Besturen de kerkelijke administratiën te worden gehoord.

Art. 7. De grensregeling der nieuwe gemeente, aangewezen op de naar art. 5a over te leggen kaart, kan door de kerkelijke Be4sturen, wanneer"zij dit in het belang der op te richten gemeente noodzakelijk achten, door grensverandering van naburige kerkelijke gemeenten gewijzigd worden op den voetMa^s bij art. 43, 7o. en art. 51, 7o. van het Algemeen Reglement is omschreven, en zulks in gemeen overleg met het ProVfticiaal College van toezicht! 15

Art. 8. Wanneer uit het bericht in art. 5d) bedoeld, blijken mocht, dat de gelden, voor den bouw van kerk en pastorie vereischt, nog niet gevonden zijn, wordt aan de nieuwe gemeente de erkenning toegezegd onder voorwaarde, dat voor het bijeen brengen dier gelden alsnog de noodige maatregelen worden genomen, en volgt de erkenning eerst, wanneer in het ontbrekende zal zijn voorzien.