is toegevoegd aan uw favorieten.

Het eeuwige mysterie

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK X.

Een winternamiddag op Beukenwoud.

„La Nature est un temple ou de vivants piliers, Nous parient tous les jours en termes familiers."

Charles Baudelaire, Les fleurs du mal.

Dolf was kort na zijn aanstelling tot officier bij een andere compagnie overgeplaatst en naar een kleine garnizoensplaats in Brabant, nabij de Belgische grens, vertrokken.

Nauwelijks was hij hier goed en wel geïnstalleerd of hij ontving van Wüly een telegram, dat vermeldde, dat de toestand van tante Mussot, die den laatsten tijd steeds lijdend was, een ongunstigen keer dreigde te nemen; elk oogenblik was het ergste te vreezen en zijn overkomst werd daarom dringend noodzakelijk geacht.

Ofschoon hij nog niet voor verlof in aanmerking kwam, kreeg hij onmiddellijk toestemming naar Meerdervoort te gaan.

Willy wachtte hem daar bij aankomst aan het station op en vertelde hem, dat tante reeds des nachts was overleden. Op het laatste oogenblik had zij nog naar Dolf gevraagd en was toen zacht ingeslapen om niet weder te ontwaken.

Na afloop der begrafenis werd, in tegenwoordigheid van oom van der Tak en hen beiden, de brandkast door den notaris geopend, waarna zij kennis namen van tante's uiterste wilsbeschikkingen.

Zij had van haar aanzienlijk vermogen een legaat aan oom en tante van der Tak en het overige aan haar beide neven vermaakt.

In een verzegeld schrijven, dat Dolf bij lezing diep ontroerde, vermelde zij, bij het vernemen van zijn oiigunstigen levenswandel, op het punt te hebben gestaan een wijziging in haar testament te maken en zijn aandeel in haar nalatenschap slechts voorwaardelijk te zijner beschikking te stellen. Na een bespreking met haar raadsman had zij hiervan echter afgezien en zij drukte daarom den innigen wensch uit, dat hij baar vertrouwen niet beschamen zou.

Op de terugreis ging hij over Amsterdam en liep daar nog even