is toegevoegd aan uw favorieten.

De Van Berkels en hun vrienden

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE VAN BERKELS EN HUN VRIENDEN 115

„Santje.. Serie,.... alla, ier bluuve, oor!"

Jantje en- Seiie> ^ ieder 'n gulp bier in hun hals hadden gekregen, gingen met kwaje gezichten weer atteTleSdS erg slurpeng aan hun soep. ^ ' IePelden

„Die soep die stienkt nao de juu..!" vond Santje

„Waje me lust, oef je nie opteete!" zei de Ma niet ere naeda gogisch, of misschien ook wel, want zoodra £ S valhï kindertjes permissie hadden om ze te laten staan ^eknle als hongerige katten op de bruine „Fleischbrühe^aanïïblikten tot slot hun lepels af tot aan de heften ^enükten

Tienus, die 't zichzelf eerlijk bekende, dat-ie 't land harf nu alleen met Clara aan >n tafeltje te zitten, nog wel S

ze^rn ^SS?S^^^^ ™-

ve^Z*.^™-''- ^ hebben Z00'» Dat vatte-n-ie op als 'n soort terechtwijzing, hetgeen z'n stemming niet rooskleuriger maakte "«geen z n

ma^^t1znie(^anta^^1 't5?0*!** .had Clara eerst gefixeerd,

SS v^na^611' ^ * > *W ^

va^z'n br^erafha? ^tb.ehoffte' ^ geweldige stukken In n ï * v' Stak ^ m z n mond en keekdan Tienus

dat ze nu w^WgS T \ gezicht verwachtte! aat ze nu wel n gesprek zouen beginnen.

^JÈ dat nu nóg 't Zevengebergte?» vroeg Clara eindeTienus wist 'tniet.

dewlag te^ep" ^ gehabt!" Zd de Duitscher> die „O...." zei Clara.

kanftfleltg tf kr^ ^ bhj ™ ™ die«

sPrak.de Duitscher, maar hij voegde er bij, dat top hem geen indruk meer maakte. Hij woonde m St. Goar, zat alti d tusschen de bergen, was bhj, dï-ie