Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

8

Januari 1910 II' 23 te bepalen, dat een Adjunct-Inspecteur bij den burgerlijken veeartsenijkundigen dienst zal zijn gevestigd te: a. Malang met ressort de residentiën Semarang, Rembang, Soerabaja, Soerakarta, Madioen, Kediri, Pasoeroean, Besoeki, Madoera en Bali en Lombok. &. Buitenzorg met ressort de residentiën Bantam, Batavia, Preanger Regentschappen, Cheribon, Pekalongan, Banjoemas, Kedoe, Djokjakarta en de bezittingen buiten Java en Madoera met uitzondering van het gewest Bali en Lombok.

4. Aanspraak op openhouden der betrekking bij buitenlandsch

verlof. (Zie blz. 6 hiervoor).

5. Diensttijd tellende voor verhooging bij benoeming tot Inspecteur.

Gouv. besluit van 14 Maart 1911 ü! 44 (Staatsblad ff 223):

Te bepalen, dat bij eventueele benoeming (tijdelijk of definitief) van een Adjunct-Inspecteur bij den burgerlijken veeartsenijkundigen dienst tot Inspecteur van dien dienst de tijd, gedurende welken de maximum-bezoldiging als Adjunct-Inspecteur is genoten, medetelt voor de toekenning der aan de betrekking van Inspécteur verbonden traktementsverhoogingen.

III. EUROPEESCHE VEEARTSEN.

1. Benoembaarheid. Uitzending.

Koninklijk besluit van 13 October 1875 nJ 12 (Indisch Staatsblad Il! 294), zooals dit wordt gelezen ingevolge de Konink. besluiten van 5 Juli 1890 II' 22 (Ind. Stbl. II' 183), 27 November 1906 II' 72 (Ind. Stbl. 1907 W 96), 12 Juni 1908 ïl° 48 (Ind. Stbl. W 526) en 28 Maart 1913 W 53 (Ind. Stbl. 11' 394):

Art. 1.

Tot Gouvernements veearts in Nederlandsch-Indië zijn benoembaar zij, die hebben afgelegd een voldoend examen overeenkomstig het bij dit besluit gevoegd programma.

Het af te leggen examen wordt gesplitst in twee gedeelten,

Sluiten