is toegevoegd aan uw favorieten.

Achter de heuvelen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

107

bij elkander zaten, triomfantelijk verteld, hoe goed hij kon, als hij maar wilde! Ze zouden wel een man van hem maken!

Maar hij zat schuw, en stomp van vermoeienis in een hoek van de kamer en voelde zich onder al dien lof kleiner en zwakker dan ooit. Zijn hoofd leek opgezwollen als een reuzenpompoen; van alles warrelde daarin rond en klompte samen tot één grooten angst voor „morgen," die hem des nachts den slaap uit de oogen hield, zoodat hij den volgenden morgen, versuft en afgemat, weer alles verkeerd deed, tot Rik hem door elkander schudde: ,,Je wilt niet! — dat is het eigenlijk! wat je gisteren goed deed, kan je vandaag ook goed doen, of ben je ziek?"

Als Peterken van „neen" schudde, joeg Rik hem voort met booze woorden, of zette hem ten einde raad weer aan het allereerste werk, het vervelende loodwitmalen of het schoonmaken van de verfpotten.

's Avonds kwam dan 't verhaal van zijn onwil, dat hij aanhoorde op dezelfde wijze als den lof van den vorigen avond; alleen zwol er in zijn hart iets tot een wonderlijk, stomp verzet, dat hij te voren nooit gekend had. „Waarom was vader gestorven?.... Was hij ook maar dood!.... was hij maar bij vader!" .... en in zijn zielige eenzaamheid, zat hij terug te verlangen naar de zwijgende rouwdagen voor de begrafenis, toen het hem scheen, alsof er