Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

6

buitenland, wat vooral in oorlogstijd een groot ongerief is, bracht mij er toe, in April 1917, in verband met de zooeven vermelde feiten, aan den minister van Financien het denkbeeld in overweging te geven, om de exploitatie van het zoete en zoute artesische water, bij wijze van monopolie, ten voordeele van den Staat te doen dienen. Ofschoon geenszins voorstander van Staatsexploitatie in het algemeen, meende ik, dat zoodanig plan vooral aanbeveling verdiende in een tijd als nu, waar de Regeering er op bedacht is nieuwe bronnen van inkomsten te vinden. Wat de exploitatie van de artesische pekel betreft, gaf ik het denkbeeld aan de hand, binnen de stelling Amsterdam, al dadelijk een proefinstallatie op te richten, waar het concentreeren van de aangeboorde pekel, even als overal elders, door middel van gradeerwerken zou kunnen geschieden en het verdampen door middel van de ter plaatse aanwezige brandstof, n.1. de aan te boren brandbare gassen.

Zulk eene installatie zou men binnen betrekkelijk korten tijd tot stand hebben kunnen brengen en met betrekkelijk weinig kosten.

Mijn plan vond echter geen steun bij de geraadpleegde deskundigen. Het aanboren van artesisch water werd op nieuw bestreden. Het advies van dezen adviseur mocht ik inzien en kon ik toen al dadelijk constateeren, dat deze duidelijk te kennen had gegeven de kenmerkende eigenschappen van artesisch water niet te weten. De overige adviezen mocht ik niet inzien, niettegenstaande mijn herhaald verzoek.

Ik heb in het bovenstaande getracht zoo beknopt mogelijk het groote belang in het licht te stellen dat aan deze zaak verbonden is en hoop, dat het mij ook gelukt is zoo objectief mogelijk de dringende noodzakelijkheid aan te toonen, dat eindelijk eene algemeen bevredigende oplossing verkregen wordt omtrent de reeds zoo lang aanhangige vraag, of de behoorlijke drinkwatervoorziening van het grootste deel van Nederland al dan niet berust op de rationeele winning van in zijn bodem aanwezig artesisch water?

Volgens mijne bescheiden meening kan, onder de bestaande omstandigheden, deze bevredigende oplossing niet anders verkregen worden dan op de door mij voorgestelde wijze.

Van de beantwoording van die vraag hangt, onder meer,

Sluiten