Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

505,

verlaging te haren opzichte in 1845 en 1890 zijn voorgekomen, en weder eene grootste verlaging in 1932 te verwachten zijn. Men 'verkrijgt dan voor Brielle de formule:

2/, — 11 635 -+- 0.298 x -+- 3.00 sin j 0.045 sr (* — 1.375) j

Dus zou voor 1868—1877 in een geval als boven, halftij te Brielle zijn:

11.635 — 27 '/2 X 0.298 -4- 3 00 sin 53» 36' = 11.635 — 8.195 + 2 41 = 6 c.M. -+- N A.P.

De grootste correctie, door deze omstandigheid teweeggebracht, is 3 c.M. in meer of in minder.

De gemiddelde fout is 4.73 c.M.; dat hij nog zoo groot is, is voor een deel het gevolg van de groote afwisseling, door verschillend weder in de waterstanden teweeggebracht.

's-Gravenhage, Juni 1919. De Onder-Voorzitter,

J. C. Ramaer. De Leden,

A. O burgdorffeb.

W. F. Stoel.

\

Sluiten