Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het dierbaar bezit van den Bijbel, maakt ons zijn verspreiding gemakkelijk en zijn aanprijzing tot een aangename taak, zoodat ons werk, door 's Heeren goedheid voor velen ten zegen kan zijn. Te weten dat wij niet slechts dien arbeid verrichten onder het toezicht van het Bestuur der afdeeling Utrecht van het Neder* landsch Bijbelgenootschap, maar dat ons werk plaats vindt onder het oog van onzen God en Zaligmaker, in Wiens dienst wij aan de komst van Zijn Koninkrijk mogen medearbeiden, dit stemt ons tot groote dankbaarheid voor het verleden en vervult ons met goeden moed voor de toekomst der Bijbelvereeniging.

Niet om de gunst van menschen zij onzen arbeid, maar doen wij het om de genade en het welbehagen van onzen Heer en Heiland, Die het ons als Zijn werk heeft toevertrouwd.

Kunnen wij slechts zaaien, planten en nat maken op den akker des Heeren, wij weten dat wij te doen hebben met een grootmachtig God, Die alleen den wasdom kan schenken, maar dan ook zeker schenken wil.

Daarom zij niet op eigen bekwaamheid of kracht onze hoop gebouwd.

Wij werpen ons brood slechts uit op het water en laten tijd en wijze van het terugvinden daarvan, aan den Albestierder over. Sterk door Zijne belofte, dat Zijn Woord niet ledig tot Hem zal wederkeeren, is er voor zelfverheffing, eigenwaan of eigen roem geen plaats in ons midden. Integendeel; onder dankbare erkenning van de voorrechten ons geschonken en in het diep gevoel van de dure verplichting, om zelf bestraald door het licht van het dierbaar Evangelie, onze medereizigers naar de Eeuwig* heid op dat licht te wijzen en in dat licht te doen wandelen, zij het ons streven in eenvoud voorttegaan op den weg, ons door Zijn Vaderhand afgebakend.

Dat wij het dan doen met den altijd goeden moed van Paulus; dat wij ook onder moeilijke omstandigheden en bij treurige

8

Sluiten