is toegevoegd aan uw favorieten.

De geur van de kamperfoelie

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

108

zat te roeren; gaf daarna den schoenmaker, die wat bij hem kwam praten een juridisch advies in een handelsgeschil over een geit. En nadat dit afgehandeld was en hij op zijn beurt gespeeld had, bleef hij met een glimlach om de oogen, tevreden op zijn eentje zitten.

Rondom in de gelagkamer, zaten de menschen op de stoelen langs den muur, met de biljartkeu in de hand en een borreltje naast zich, te rooken en naar het spel te kijken.

Aan den wand hingen papieren van verkoopingen, bontgekleurde reclameplaten van rijwielmerken en bierbrouwerijen; en onder den beschermengel van een levensverzekering, was een papier aangeplakt, waar moeder Blom op geschreven had:

Zaterdagavond een vet kenijn verlombokt. Te bezichtigen bij Jan Willem in de stal.

De eene hoek van de kamer werd geheel ingenomen door een antieke donkere tapkast, waarin alles schitterde van kristal, met goudlichtende karaffen, tintelend rood en groen van likeuren en een paar dikke inmaakflesschen daartusschen met sappig bruine abrikozen en boerenjongens.

Boven op de kast stond een vriendelijk, dikbuikig, steenen manneke, met een Rembrandthoed en een rooden kiel. Die hield zoo lustig zijn vol, schuimend bierglas omhoog, dat een mensch bij het zien er van dorst zou krijgen. Louis bestelde nog een fleschje.

Het eerste partijtje was net uit; er werd met de