Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

8

niet te eindigen scheen, zich van uur tot uur nog

verbreedde en verdiepte en ze hóórden de

jammer-verhalen van wat daar in de onmiddellijke nabijheid der stad voorviel: vluchtelingen uit Waelhem, uit Wavre Sint Katharijne, uit Koningshoyck, de kleurige uniformen gescheurd en bebloed, blootshoofds, zonder wapenen, vertelden van de verschrikking, die over hen gekomen was, toen de zware projectielten van den vijand in het met beton en staal versterkte fort neersloegen, toen tallooze makkers bedolven, verpletterd werden onder de neervallende steenblokken en met töenen tegelijk de verdedigers van België's rechten en vrijheden door de met woest geweld uiteenbarsten de granaten werden gedood.

Eén dag, twee dagen wellicht waren de Antwerpenaren weer vol moed geweest. Toen vlamde de geestdrift op, verhief zich de oude Vlaamsche energie, was de hoop levendig, dat de vrij- heidsschmding van het Belgisch vaderland op den Buitscher gewroken zou worden.

Het was, toen den 30en September het officieel bericht kwam van het stand-houden der Belgische troepen, ,van een nederlaag zelfs der Buitsche rechtsverkracbters.

„Be aanvaller is er niet in geslaagd, de actie der forten te doen verslappen," — lazen de Antwerpenaren, verheugd'. — „Be beschieting heeft in geenen deele invloed gehad op het moreel van het garnizoen der forten."

En verder vertelde dit officiéél bericht, wat er tusschen de forten Laezele en Breendonck was gebeurd.

„Onze troepen, die de open ruimten tusschen deze defensie-werken bezet hielden, heten den vijand naderen, tot zij hem goed onder schot kre-

Sluiten