Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Menschonwaardige, blinde instincten heerschten al ruwer, met in hun dienst het scherpe, snijdende verstand. De goddelijke, helderziende intuïtie werd verstooten. En met haar de milde rede, die alles en allen verbindt.

Aan de universiteiten werd men voor vak, ambt of beroep welhaast mechanisch afgericht, klaar gemaakt. Op examens was feitenkennis hoofdzaak. Zelfs bij de theologie verdrongen de hulpwetenschappen het centrale, waarom 't eens was begonnen. Men streefde meer naar «mozaïeken van bekwaamheden» dan naar het wekken en kweeken van persoonlijkheden.

Juist op hét leven der persoonlijkheid bleek het individualisme der moderne dagen de allergrootste aanslag — omdat persoonlijkheid gemeenschap veronderstelt, terwijl individualisme anti-maatschappelijk en antireligieus is van wezen. — Geen wonder, dat een reactie zich overal en in groeiende mate deed gelden. Op politiek-economisch gebied kwamen socialisten van allerlei slag den strijd aanbinden voor een nieuwe, redelijke samenleving, waarin de vrijheid van ieder door die van allen gedragen zou worden. Op godsdienstig gebied werd een innige belangstelling in die oostersche vormen van religie wakker, welke beseffen deden de éénheid van het al. En tegenover «ambachtsmannen der wefenschap» handhaafden hier te lande denkers in wassende kracht het alomvattend recht der zuivere rede. De diepst voelende kunstenaars lieten het individualisme los de beteekenis van den artist werd in het profeet-zijn gezocht. En op onderwijsgebied gingen al luider stemmen op, dat niet bijbrengen van afgetrokken kennis, maar opvoeding van persoonlijkheden hoofdzaak was.

8

Sluiten