is toegevoegd aan uw favorieten.

De ruïne van Walroo

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

116

hier in deze kist mochten stoppen, dan had ik het ervoor over om al de bouten weer dicht te klinken. Van die kist krijgt hij niets, wat er ook inzit en hij zal er nooit iets van te weten komen ook!'

„O zoo!" vond Albert. „Die kerel moet het niet probeeren, ooit nog weer hier te komen!

„En anders sturen we hem weer naar den burgemeester op de vloermat," opperde een ander.

De aandacht voor dien mijnheer Pokkèl was niet zoo groot als die voor het geheim van de kist en daar moesten ze nu eerst alles van weten.

Daar was de laatste bout doorgevijld. Nu kwam het breekijzer te pas. En met vereende krachten werd het geweldig zware deksel opgelicht en achterover gegooid; het bleef, met een doffen slag. opzijn scharnieren schuddend, hangen.

Daar lag het geheim open en bloot. Tien oogen — ook die van Bekkie, die met de voorpooten over den rand, er in keek — blikten in de ruimte binnen de kist . . . Veel zagen ze niet . . . Alleen stond er in een der hoeken nog een kistje, van veel kleiner omvang, dat Gerrit er gemakkelijk uit kon halen en dat nu moest onderzocht worden. Het bleek een zwaar koperen kistje te zijn. Het deksel was prachtig bewerkt met een fraaien rand en keurige, gedreven bloemen, terwijl in het midden tot groote verbazing van Henri het wapen Van Walroo gegraveerd was.

Reeds wilde Gerrit met zijn bijtel verder doorwerken, toen hij zich bedacht:

„Wacht even! Dat onderzoek mag hier niet plaats hebben", verklaarde hij.

„Ik wil dat mooie kistje niet beschadigen! Wie weet