Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vm

Historisch karakter van den Raad; feitelijk karakter van den Raad; programma's van werkzaamheden; grondgedachte der gemeentewet; de bestaande toestand beantwoordt daar niet aan; het budgetrecht; de contröleerende Raad (34);

Veranderde positie van Burgemeester en Wethouders; taak van het College; arbeidsverdeeling tusschen zijn leden; keuze der Wethouders; benoeming buiten den Raad; bezoldiging (42);

De Burgemeester; omvang van zijn taak; uitvoerder der rijkswet; hulpofficier van Justitie; wenscheüjkheid van eischen van benoembaarheid voor kleine gemeenten; invloed van den Raad op de keuze; de Burgemeester voorzitter van den Raad; de Burgemeester hoofd der politie; zijn taak om te waken tegen onwettige besluiten; stemrecht van den Burgemeester (48);

Commissien; stelsel dei- wet; ontwikkeling in de praktijk; andere commissien dan de wet kent (52);

Ambtenaren; onvolledigheid der wet; de secretaris; de ontvanger; andere ambtenaren (56);

Grenswijziging; samenwerking tusschen gemeenten; de intercommunale vennootschap; contractueele samenwerking; regeeringsontwerp van 1915; vereeniging van gemeenten; toezicht op de gemeentebesturen; van Gedeputeerde Staten; van de Kroon; zijdelingsch toezicht van de rechterlijke macht (65); Het rapport der Staatscommissie (69).

HOOFDSTUK II. De geldmiddelen der gemeente . 7(

Karakter der begrooting; eischen aan de begrooting te stellen; duidelijkheid en volledigheid; staat van bezit en schuld; onderscheid tusschen gewonen en buitengewonen dienst; iedere begrooting bestaat uit twee zelfstandige begrootingen; welke uitgaven als buitengewoon beschouwd moeten worden; vrijheid, welke de begrooting laat aan haar uitvoerders; begrootingswijziging; uitgaven buiten de begrooting; credieten; scherpe ramingen en begrootingen, die een reserve inhouden; de post voor onvoorziene uitgaven; verplichte uitgaven; toezicht der Gedeputeerde Staten (84);

Geldleeningen; regeling der aflossingen; annuïteitsleeningen; het stelsel der gelijkblijvende aflossingen; het stelsel van aflossing volgens den levensduur der leeningsobjecten (92);

70—128

Sluiten