is toegevoegd aan uw favorieten.

Freule Edith

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

MARC ONTVANGT TIJDING VAN ROSE

117

heur bloote vingertjes doorglijden, maar de witte stofjes lieten zich niet scheiden door menschenhanden en kropen weer bijeen. „Wees toch zoo zot niet!" gebood Edith.

De kamer was vol malsche schaduwen en zacht droomerig, getemperd licht. De witte stores waren neergelaten en een bleeke gloed gleed door tusschen het witte duister der latten over het zachtblauw der gecapitonneerd zijden stoelzittingen en der gecapitonneerde sofa, over de tafel beladen met kanten, linten en étuis met juweelen, over het fijn porselein op toilet- en waschtafel, over de kostbare etsen en gravures aan de wanden; glinsterde zacht in het geslepen kristal van flacons en glansde tintelend in het roomig ivoor vaft borstelruggen en allerhande toilet-artikelen.

Edith wierp een achteloozen blik op al die weelde, de achteloosheid van iemand wiens oog verzadigd is van schoonheid.

Ze ging zitten, stak der kamenier heur rijglaars toe, en liet zich door haar helpen als een kind.

Van tijd tot tijd tuurde ze eens op naar het portret harer moeder, aan den muur. Het was een miniatuur op ivoor, heel goed gedaan door een jongen meester uit Italië. Het was Agnese, met de zwarte oogen in het bloeiend zuidelijk gezichtje, den kleinen mond, roode tulp.

Toch beschouwde Edith het portret dat heur vader zelf daar had opgehangen, met geringschatting. Ze geloofde niet, dat als mama was blijven leven, ze ooit met haar zou gesym-