is toegevoegd aan uw favorieten.

Taalboek voor de drie laagste klassen van H.B.S. en gymnasium

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

112

Strofen van acht vijfvoetige jambische verzen, met het rijmschema abababcc, heet men stanzen.

§ 38. Ten opzichte van rijm en strofische indeeling verdeelt men de gedichten in verschillende soorten, waarvan de meest bekende zijn:

a. het sonnet of klinkdicht [eig. (chan)sonnet, dus liedje], dat bestaat uit twee kwatrijnen, gevolgd door twee terzinen, alles in jambische versmaat. Het rijm der acht eerste regels (het octaaf) is gekruist of omarmend, met twee rijmklanken; ten opzichte van de zes laatste (het sextet) bestaat meer vrijheid. Wat den inhoud betreft, staan de kwatrijnen, die meestal elk één gedachte bevatten, tot de terzinen, als een bijzin tot een hoofdzin. (2, 3, 4, 5, 6.)

Het Engelsche of Shakespeare-sonnet is gedicht in Alexandrijnen en is verdeeld in drie kwatrijnen, elk met twee afzonderlijke rijmklanken, terwijl de laatste twee regels gepaard rijm hebben, 't Wordt meestal zonder zichtbare strofen-indeeling gedrukt. l)

Een sonnettenkrans is een reeks bijeen behoorende sonnetten, meer bepaaldelijk een rij van 15 sonnetten, waarvan de laatste regel van het voorafgaande sonnet tevens de eerste is van het volgende, en de laatste regel van het veertiende tevens de aanvangsregel van het eerste. Het vijftiende sonnet wordt gevormd door de beginregels der voorafgaande sonnetten.

Een sonnettencyclus is een reeks sonnetten, die wat den inhoud betreft, bij elkaar hooren.

b. het refrein, althans dat der rederijkers, een gedicht van tien- of meerregelige strofen met gelijken eindregel, „de stok" van het refrein genoemd.

1) Als voorbeeld van een sonnet in Alexandrijnen is opgenomen No. 7.