is toegevoegd aan uw favorieten.

De vreemde heerschers

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

n5

onderdoor en twee andere even nauwe en nog duisterder luifelstegen.

Op een drekkerig pleintje stond, bij den drinkbak, de oude Rachele.

„Hoe is 't bij Genoveffa?" krijschte die al met haar schokkerige stem.

En staan blijvend, vertelde Marco, luid, van de twee kalfjes en hoe zooiets in geen tien jaar geschied was in het land.

Het wijfje sloeg de armen in de lucht: „Dio mio! che miracolol" riep zij op haar beurt.

„En een brief van de jongens uit Amerika", voer Marco in zijn opgetogenheid voort. Op hetzelfde oogenblik dacht hij aan den zoon van Rachele, bij wiens vrouw en twee kinderen de oude woonde; hij was al meer dan tien jaar weg en geen enkel woord deed hij van zich hooren; toch wisten zij van teruggekomen Cavarners, dat hij nog leven moest; hij was er getrouwd, vertelde men ook, en men achtte dat een groote schande.

Het „beste berichten", dat Marco op de lippen had, hield hij in, en een somberheid streek door zijn oogen. Doch een vaag-dreigende gelijkenis wegduwend uit zijn geest, zei hij toch, goedig vertrouwelijk: „alles is er naar wensch".

Het ginnegappend vrouwtje scheen niet getroffen door deze tijding.

„Twee kalfjes!" riep zij nog eens, „en de koe goed?" Zij schudde het hoofd van een niet te boven te komen verbazing.

„De koe is best. " zei Marco nog achterom,

terwijl zij reeds doorgingen.

„Dio mio! Dio mio!" hoorden zij Rachele aldoor teemen, en toen Riccardo omkeek, zag hij, hoe zij maar al'hoofdschuddend bij het waterbekken toefde.

Dan, ten tweeden male een diepe, maar goud-lichte