is toegevoegd aan uw favorieten.

Zeemansgidsen voor de kleine vaart

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VINGA.

85

Hönöhufvud, bn de ZW. punt van Hönö, is voor de Nederlandsche scheepvaart niet van belang. Licht Hönöhufvud. Zie L.l. No. 76.

Vinea-Sund Gote1l)orSs*SkarSard» omvattende de uitgestrekte

° ' open ruimte tusschen de eilanden Hönö, Vinga

en Brannö, vormt den ingang naar de Götha-Elf en de stad Göteborg. Een onderdeel is de eigenlijke Vinga-SunoV met de norden Dana, Hake en Rifö. In de Vinga-Sund tusschen de eilanden Buskdr en Böttö, ieder met een vuurtoren, is in 15 tot 16 vadem water op goeden hougrond een goede ankerplaats voor schepen, die tengevolge van Westen of Noordwestenwind niet naar buiten kunnen, of die naar Göteborg bestemd, tegenwind krijgen in het nauwe vaarwater tusschen de rotsen; zn' kunnen hier gemakkelijk een betere gelegenheid afwachten.

Met een Zuidwéstenstorm krijgt men hier echter een hooge zee; wordt een schip óp deze ankerplaats hierdoor verrast, dan is het raadzaam door te gaan naar Rifö-Fiord, ongeveer 3J mijl naar binnen, beO. Böttö, waar een uitgestrekte reede is met 6 tot 8 vadem water op goeden hougrond, beschut tegen alle winden, groot genoeg om een geheele vloot te bergen.

De beste toegang is Z.lijk van Vinga en W.lflk van Galbö, Kansö en Vargö.

Vinga, W.lfik van genoemde eilanden, is | mijl lang van O. naar W.; Kokolm, er dicht bfl, is te bereiken over een, schipbrug.

Licht Vinga. Zie L.l. No. 77.

Loodsstation; bovendien een kruisboot 3 tot 4 mijl uit den wal. Telegraafseinstation. Stormseinen (zie Bijlage).

IJsseinen op Vinga.

Op korten afstand ZO. van den vuurtoren wor-

uu vinga, . , , vuurtoren. Baken.

° den tegen een donkerroode piramide, 24 M. hoog, waar boven een stok met kleinen bal, ijsseinen getoond; West er van is een seinmast.