is toegevoegd aan uw favorieten.

Socialisatieproblemen van arbeid en gemeenschap

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

EEN KEERPUNT VAN HET SOCIALISME

85

stemming in het volk zich ertegen verklaarde. Zoowel de burgerij als de arbeiders hadden genoeg van den dwang uit den oorlogstijd: zij wilden vrijheid. Vrijheid van handel en bedrijf, naast vrijheid van vakbeweging en staking.

De verwarring over het socialisatie-prebleem is begrijpelijk. Vooreerst en vooral komt het voort uit de bijna onoplosbare toestand die voor de maatschappelijke voortbrenging is ontstaan. De mijnwerkers willen en kunnen niet meer zooveel kolen voortbrengen als voor de maatschappelijke behoeften noodig zijn en er is reeds een tekort. Dat is bekend. Maar precies hetzelfde geldt voor andere bedrijfstakken. Afgezien van elke belooning, kunnen de bouwvakarbeiders met het tempo waarin zij thans willen arbeiden, ook wanneer zij allen aan 't werk zijn niet zooveel woningen bouwen als er geregeld jaarlijks noodig zijn. Zoo oök de arbeiders in dè kleedingindustrie, in de machinefabrikage, enz. Deze toestand ligt verborgen achter het verschijnsel dat als duurte wordt aangeduid. Wanneer er niet genoeg voedsel, niet genoeg woningen, niet genoeg kleeding, niet genoeg transportmiddelen en werktuigen voortgebracht worden, en bovendien de reserve die dë maatschappij van dat alles bezit uitgeput raakt, ontstaat er duurte. Het tekort kan echter nooit weggenomen worden door uit een groot staatskrediet steeds meer geld te maken, en ieder van dit geld meer te geven, als tractement, loon, rente of wat ook. Bovendien verdwijnt dit tekort niet door dë woeker te bestrijden en afteschaffen, een woeker die steeds van elk tekort profiteert. Alle, actie's om loonsverhooging en om woeker te bestraffen helpen evenmin als een onteigening en verdeeling der reserve-hoeveelheden. Als er niet genoeg voedsel, woning en kleeding is kan niet aan ieder daarvan een voldoende portie gegeven worden. En elke poging om door technische verbetering de productie te herstellen en optevoeren stuit weer af op een tekort aan kolen, ijzer, machines en transportmiddelen.

Herstel komt niet van zelf door dat dë kapitalistische