is toegevoegd aan je favorieten.

Het kostmeisje

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

301

met mij over haar lieven in Holland en vooral over u. Ze had een groote vereering voor u, maar — ze vond u wel eens wat streng en ze zei wel eens, dat ais u eenmaal een besluit hadt genomen, niets en niemand er u van af kon brengen."

„En toch heeft u het geprobeerd? Dat pleit voor uw moed."

„Ik hield het voor mijn plicht en ik ben gewoon die roepstem, te gehoorzamen, onafhankelijk van personen en omstandigheden. Maar vertelt u mij eens, waar is Christine tegenwoordig. In den laasten tijd hoorde ik niet meer van haar."

„Weet u niet, dat ze twee jaar geleden is gestorven ?"

„Nee, dat wist ik niet, anders zou ik niet naar haar gevraagd hebben. Was ze toen nog in Indië?"*

„Ze was juist overgekomen met verlof. Ze had zich overwerkt, de stumper. Het was een droeve geschiedenis; ze had in Indië zoo hard gewerkt, steeds worstelende tegen het slopende klimaat en, toen ze eindelijk rust wilde nemen, was het te laat. Arme Chris. Toen ze ons verliet, was ze een mooi, frisch jong meisje en, bij haar terugkomst, was ze een geknakte, uitgeteerde vrouw."

„Het spijt mij zulk een droeve herinnering bij u te hebben opgewekt."

„Misschien is 't goed," zegt juffrouw Bijsterman, met een traan in 't oog en een verdachte trilling in haar stem.

De meisjes zouden haar Dirk niet herkend hebben.

Zoo kent niemand haart

Ze is altijd zoo flink, zoo beslist, zoo vastberaden en daardoor wel eens wat streng.

Zelf uiterst plichtmatig, ijyerig en oprecht kan ze geen tekortkomingen van anderen dulden.

Zelf sterk van karakter, begrijpt zij niet de zwakte in