is toegevoegd aan uw favorieten.

Een gelukkig viertal

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

112

Och die kousen werden zoo dun! Maar er was geen denken aan, nu vader niets verdienen kon. 't Was al mooi, dat zij een boterham voor ze had. Kom, ze moesten maar gauw hun boterham eten en dan hun verdriet in den slaap vergeten.

Zwijgend deed zij een klein beetje boter op de dikke boterhammen, en schoof ze de jongens toe.

Dirk hapte gretig in het brood, want de kou had hem hongerig gemaakt. Huib at bij kleine stukjes tegelijk; 't was of er iets in zijn keel zat, waardoor hij niet goed slikken kon. Onafgebroken tuurde hij naar de deur en hij werd. vuurrood, toen hij voetstappen hoorde in de stille steeg. Maar de voetstappen gingen voorbij en de deur bleef gesloten.

Toen Huib eindelijk zijn boterham op had en moeder zei: „Vooruit jongens, 't is bedtijd," begreep Huib, dat het wachten tevergeef sch was. Hij legde zijn hoofdje op tafel en snikte: „Als Sinterklaas zoo'n goeie man is als ze zeggen, waarom komt hij dan ook niet bij arme kinderen ?"

„Kom Huib niet huilen," zei moeder op vriendelijken toon. „Misschien gaan we als het tyveer Sinterklaas is wel samen naar de winkels en als vader dan weer werken kan, dan kóóp ik wat voör jullie hoor," voegde zij er troostend bij.