is toegevoegd aan uw favorieten.

Een heldin

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

114

hartelijke, gastvrije wijze, waarop zij Hedwig steeds ontving, toonde wèl te begrijpen dat onderwijzeres en huisgenoote wezen van Miss Wells lang geen benijdbaar baantje was! Zn' liet Hedwig vertellen van haar land en van haar thuis, gaf haar raad omtrent haar toekomst en hielp haar zoo op een kiesche wijze, die Hedwig zeer trof.

Intusschen begon haar taak haar niet lichter te vallen, al scheen het haar lêërlingen toe dat „Flinkie" nauwelijks zorgen kende, zoo moedig, met een vriendelijk woord of een grapje voor ieder kind, niet het minst voor de arme Taffy, ging zn' haar gang. Of dat soms moeite kostte? Moeite ook, om te midden van zooveel onrecht en zooveel lijden, vast 'te houden aan het geloof dat God toch nabij was, toch hielp, haar toch trouw ter zjjde stond?

Het kostte moeite, maar het vast vertrouwen in den hemelschen Vader, die, door alle duisternis heen, leiden zou tot het licht, bleef hecht in haar ziel. Ook haar oude energie begaf haar niet. Miss May, nagenoeg de eenige onderwijzeres met wie zij op eenigszins vertrouwelijken voet stond, benijdde haar die, benijdde haar ook de frissche vroolijkheid en humor, die haar zelfs op het sombere Hill House niet in den steek lieten. Gelukkig dat er soms werkelijk een en ander voorviel, dat een uitbarsting van algemeene vrooln'kheid veroorzaakte en de meisjes in de handen deed klappen en luid lachen van pret, — maar dit was heel, heel zelden! De arme kinderen waren er lang niet gezond, niet gelukkig genoeg'toe.

Het was echter op een zonnigen Septemberdag dat zulk een voorval werkelijk plaats had, juist toen enkele onderwijzeressen, waaronder ook Hedwig, thuis kwamen van een middagwandeling langs de schilderachtige rivier de Dee, waarop plezierbootjes en zeilschepen tot een frisch watertochtje schenen uit te noodigen. Hedwig had verlangend naar het heldere water gekeken en toen medelijdend naar de kinderen, die vermoeid waren van de hitte en zich loom voortsleepten. Maar toen zn' Hill House naderden, kwani er levendigheid in het stille troepje en Mary Wren, die vóór Hedwig liep, keerde zich om en riep uit: „O Flin-