is toegevoegd aan uw favorieten.

De speelman op den Wildenborch

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TWAALFDE HOOFDSTUK.

VAN DE KLUIS NAAR DEN WILDENBORCH.

Wij willen ons thans spoeden naar de kluis, om te zien hoe daar de zaken staan.

Door de goede zorgen van den kluizenaar bracht de drost een rustigen nacht door. De wonde aan het achterhoofd deed hem nog wel pijn, en ook den linkerarm kon hij nog niet gemakkelijk bewegen, maar hij gevoelde zich des anderen daags zoo wel, dat hij den pater zijn verlangen te kennen gaf naar den burcht terug te keeren. Slechts met groote moeite gelukte het den kluizenaar onzen drost te overreden ten minste nog een dag te toeven, om hoofd en arm rust te gunnen, en toen de drost eindelijk toegaf, deed hij het onder voorwaarde, dat er dien avond een ruiter werd gezonden naar Jonker Van Teyler, die zooals afgesproken was den drost onder behoorlijk geleide, ter bescherming tegen een mogelijk nieuwen aanval, naar den burcht zou overbrengen.

Dit geschiedde dan ook. Een der ruiters werd dien avond naar den Wildenborch gezonden met de boodschap dat de drost den daarop volgenden morgen Jonker Van Teyler zou verwachten.

Toen die morgen kwam was de drost spoedig gereed.