is toegevoegd aan uw favorieten.

Het leven onzes Heeren Jesus Christus volgens de Evangeliën

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

IOQ

§ 5. De gelijkenis van den Samaritaan. Martha en Maria. Over het gebed.

Terwijl Jesus Zich in Judea ophield, en op een der gestelde dagen in de Synagoge leerde, stond een Schriftgeleerde op en vroeg: „Leeraar, wat moet ik doen om het eeuwige Leven te beërven ?" Jesus stelde een wedervraag: „Wat staat in de Wet geschreven? Wat leest ge daar?" — „Ge zult den Heer uwen God beminnen met geheel uw hart, en met geheel uwe ziel, en met geheel uwe kracht, en met geheel uw verstand, en uwen naaste gelijk u zeiven", was het antwoord. „Ge hebt juist geantwoord", hernam Jesus, „doe dit en ge zult leven". De wetgeleerde, om zich te rechtvaardigen, stelde opnieuw de vraag: „Wie is mijn naaste ?" — „Zeker mensch", zeide Jesus, „daalde af van Jerusalem naar Jericho, en viel in de handen van roovers, die hem niet enkel uitschudden, maar ook met slagen overlaadden en halfdood lieten liggen. Toevallig nu ging zeker priester denzelfden weg af, en zag hem, en ging voorbij. En eveneens een leviet kwam ter plaatse, naderde, zag — en ging voorbij. Maar zeker Samaritaan kwam op zijn reisweg langs hem heen, en zag hem en had medelijden. En hij naderde en verbond zijne wonden, en goot er olie en wijn in, en zette hem op zijn eigen rijdier, en bracht hem naar eene herberg, en droeg zorg voor hem. En den volgenden dag haalde hij twee tienlingen te voorschijn, en gaf die den herbergier, en zeide: „ Draag zorg vo©|* hem, en wat ge meer ten koste legt, dat zal ik u, bij mijne terugkomst, vergoeden". Wie van die drie, dunkt u, was de naaste van hem, die in de handen der roovers viel?*' De wetgeleerde antwoordde: „Die hem barmhartigheid deed." — »Ga," hernam Jesus, „en doe gij evenzoo."

Toen de Heer Judea doorwandelde, kwam Hij mede in een vlek, dat wij later leeren kennen als Bethanië. Het was een groot half uur ten oosten van Jerusalem aan de overzijde van den Olijfberg gelegen Liefelijk was het tusschen vijge- en olijfboomen tegen de helling des bergs gebouwd, daar, waar nog heden ten dage El Azarieh wordt