is toegevoegd aan je favorieten.

De schatgravers

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

8

Plotseling rukte zij haar handjes voorde oogen weg.

Ze balde heur vuistje tegen de vriendjes en vriendinnetjes en riep:

„Boosdoeners zijn jullie !

Echte slechte kinderen !

Ja, jullie zijn, jullie zijn misdadigers, daar!

Ik wil niets meer met jullie te maken hebben" !

Opgeschrikt uit hun vreugderoes, gaapte de woeste bende haar aan.

Wel, wel, was dat het zachte Roosje van Dalen?

Ze had toch ook mede gedaan.

Wat verbeelde zij zich wel?

Juist wilde men haar alles toeschreeuwen, toen haar broertje Tom béschermend naast haar trad.

Ook hem walgde het ruwe spel.

Hij ging voor zijn zusje staan, stak gebalde vuisten voor zich uit en schreeuwde zoo hard hij kon:

„Kom maar op als je durft.

Wie wil er vechten.

Wie wil er aan mijn zusje komen?

Kom dan .... kom dan op 1

Lafaards zijn jullie allemaal, dat zeg ik je" ! gilde hij woedend.