is toegevoegd aan uw favorieten.

Historie en leven

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

88

UIT DE GESCHIEDENIS DER UNIE.

Staten-Generaal een rondschrijven aan de provinciën, met verzoek „dat de Unie van Utrecht in den jare 79 tusschen de Provinciën opgerecht, .mach vernieuwt ende na de noodt vermeerdert ende versterckt worden" (12 April 1607). Den ls,en Mei had de deliberatie bij Holland plaats, doch werd „verstaen dat eerst gesundeert sal worden de intentie van de andere Provinciën, om te weten of deselve oock van meyninge zijn te procedeeren tot versterckinghe van de Unie, alsoo uyt eenige poincten of articulen van dien wel lichtelijck eenige misverstanden souden mogen worden gemoveert, die in dese gelëgenheyt en constitutie van 'sgemeene Lands saecken by alle mogelijcke middelen dienen geweert." Zeer terecht: een eenvoudige bevestiging der Unie zou weinig afdoen, en zelfs bedenkelijk zijn voor Holland, dat immers zijn sedert Leicester verworven suprematie niet in de Unie zag bekrachtigd. Maar omtrent een herziening heeft men zich niet kunnen verstaan, en toen bleek, dat men toch geen vrede zou kunnen sluiten maar slechts een bestand, is de zaak blijven rusten.

De tweede aanleiding om een versterking der Unie ter sprake te brengen waren de gebeurtenissen van 1618. De partij der Staten-Generaal had overwonnen, en het ware thans haar dure plicht geweest, de organisatie der Republiek naai hare beginselen te herzien. Zij is dien plicht slecht nagekomen; zij heeft op „resumptie" der Unie aangedrongen, maar die niet doorgezet. „Vermits in dese laetst opgekomen misverstanden gesien is", heet het in de generale petitie voor 1619, „dat eenige tot stut ende bevoordering van haere partijschappen getragt hebben, omme de voorschreven Unie bij verscheyde misduydingen ende sinistre interpretatien te labefacteren, ende in haere substantie genoegsaem te niet te brengen, tot der landen hoogsten ondienst ende periculen, oock streckende buyten