is toegevoegd aan uw favorieten.

De theologische faculteit te Leiden in de 17e eeuw

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BOEKEN VAN BUITENLANDERS 8l*

ontvingVoor de beoordeeling van sommige boekwerken door het Hof van Holland opgedragen kwam men eens, voor andere twee- of driemaal, ja somtijds meerdere malen, gelijk voor de beoordeeling van de boeken der Rozekruisers, „collegialiter" bijeen. Zij werden gelezen en vergeleken, terwijl in een schriftelijk rapport het judicium aan het Hof van Holland werd medegedeeld. Dit werd dan door een of twee professoren in persoon naar den Haag overgebracht2).

Wanneer buitenlahdsche geleerden hunne boeken aan de Staten-Generaal wenschten op te dragen, dan verzocht deze gewoonlijk eerst het judicium der faculteit te mogen vernemen, alvorens zij de opdracht van het werk aanvaardde. Paulus Testardus, predikant te Blois in Frankrijk, voorstander van Amyrauts leerstellingen, had een boekje geschreven, dat door den heer Van Langerack, ambassadeur aan het Hof van Frankrijk, namens hem aan de Staten-Generaal was toegezonden. De Hoogmogenden verlangden hierover n April 1633 van de faculteit advies te ontvangen 3); zij onderwierp het aan een nauwgezet onderzoek, vond er stellingen in betreffende de bekeering des menschen, die aan zijnen leermeester Camero deden denken, en gaf nu een ongunstig judicium, daar het, naar de meening van de faculteit, de twist en tweedracht in de kerken maar zou bevorderen 4). Remhard Bachman, doctor juris, had eene chronologie op de nieuwe overzetting des Bijbels opgesteld en vroeg nu aan de Staten-Generaal om een octrooi voor 10 of 12 jaar 5). Deze zond het boek 14 November 1659 om advies aan de theologische faculteit te Leiden6). De faculteit adviseerde 21 November 1659 gunstig. Zij had het werk doorgezien en ook nog mondeling met den suppliant besproken en hem bevonden te zijn een man „uytsteekende in geleertheydt, ende sonderlinge in 5j—

1) No. 49 (1626).

2) No. 39 (1626).

3) No. 60 (1633 April 11).

4) No. 62 (1633 April 23).

5) No. 136 (1659).

6) No. 137 (1659 Not. 14).

6