Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

464

mede te werken. Ook meenden zij, dat de uitvoering van groote ' openbare werken in het algemeen ons volk gemakkelijker zou heen brengen door de moeilijke tijden, die door vele economen van binnen- en buitenland, na het einde van den oorlog, worden tegemoet gezien.

§ 2. Vele leden waren van oordeel, dat de bekende voordeelen van den afsluitdijk bij de beoordeeling van dit wetsontwerp groot gewicht in de schaal behooren te leggen. Zij hadden daarbij het oog op de ontlasting van bestaande waterkeeringen, maar meer bepaald op de gelegenheid, die zal worden geschapen om Friesland's boezem van zoet water te voorzien.

Vele andere leden achtten die voordeelen te zeer van plaatselijk of gewestelijk belang om de schatkist met de groote kosten voor den bouw van den afsluitdijk te bezwaren. Te meer, omdat zij den aanleg van dezen dam een zeer gewaagd werk vonden, waarvan de kosten wel konden worden benaderd, maar niet naar behooren begroot. Voor dergelijke werken beschikt men over zeer weinig ervaring en daarom meenden deze leden, dat in ieder geval begonnen zou moeten worden met het leggen van den 17 K.M. langen dam tusschen Noord-Holland en het eiland Wieringen om bij den verderen arbeid met de ondervinding, daarbij opgedaan, zijn voordeel te doen.

Sommigen, hoewel toegevende, dat thans niet op veel ervaring ten aanzien van soortgelijke werken kan worden geboogd, meenden, dat de uitvoering van den afsluitdam geen onoverkomelijke moeilijkheden zou bieden, bepaaldelijk ook, omdat men daarbij gebruik zal kunnen maken van gewapend beton. Ook is de techniek der bemaling de laatste jaren, dank zij de toepassing van electriciteit, sterk vooruitgegaan. In weerwil hiervan verklaarden eenige leden toch zeer sceptisch te staan tegenover de begrotingscijfers, in het wetsontwerp genoemd, aantoonende aan de hand van verscheidene voorbeelden, hoe de kosten van waterstaatswerken als regel belangrijk worden overschreden. Voor een werk als dit, meenden zij zelfs, dat geen betrouwbaar cijfer was te geven. Anderen kwamen tegen deze meening in verzet, aanvoerende, dat geen werk in den loop der jaren beter bestudeerd was geworden dan het onderhavige.

Mede naar aanleiding van deze opmerking gaven eenige leden -te kennen, dat, naar hunne opvatting, de in de nota van den heer Bongaerts, gevoegd bij het Voorloopig Verslag van de Tweede

Sluiten