Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

497

mochten gesloten worden, of voorschotten uit den buitengewonen ■dienst der Staatsbegrooting.

Daarentegen zal het fonds gedurende de eerste veertien jaren belast worden met:

i°. de uitgaven voor het werk en de kosten der werken en maatregelen voor de defensie, voor zoover die kosten nader bij de wet ten laste van het fonds worden gebracht;

2°. de renten en aflossing van de afzonderlijke voor het werk gesloten leeningen en de renten van de voorschotten uit den buitengewonen dienst der Staatsbegrooting verkregen.

In het tweede tijdvak zal vooreerst vervallen de evengenoemde jaarlijksche bijdrage van 2 millioen gulden, ten laste van den gewonen dienst der Staatsbegrooting. Daartegenover zullen dan onder de inkomsten van het fonds zijn te verantwoorden de verkoopprijzen of pachten van de drooggemaakte gronden. Zoodra de uit dezen hoofde verkregen baten de zooeven onder i°. en 2°. vermelde uitgaven dekken, zullen uit den aard der zaak geen afzonderlijke leeningen meer behoeven te worden gesloten, noch voorschotten ten laste van den buitengewonen dienst der Staatsbegrooting behoeven verstrekt te worden. Het overschot der baten zal dan zijn te bestemmen tot versnelde aflossing der afzonderlijke leeningen of dienen tot restitutie van de uit den buitengewonen dienst der Staatsbegrooting ontvangen voorschotten. Na algeheele aflossing en restitutie als zooeven bedoeld, zullen de dan nog resteerende baten van het fonds zijn over te boeken ten voordeele van de algemeene middelen van den gewonen dienst.

Ingeval die baten overtreffen het totaal, met rente op rente, van de ten laste van den gewonen dienst aan het fonds te goed geschreven bedragen, zal het meerdere als zuivere winst uit het werk in zijn geheel zijn aan te merken. Ziedaar, Mijnheer de Voorzitter, in groote trekken de geldelijke afwikkeling van het plan, zooals de Minister zich die voorstelt. Uit dezen financieelen opzet van het fonds blijkt duidelijk, dat onderscheid is te maken tusschen de bedragen, welke den gewonen dienst der Staatsbegrooting zullen bezwaren en dientengevolge direct ten laste van de belastingbetalers zullen gebracht worden, en de verder benoodigde sommen, welke door leening zullen moeten gevonden worden. Die eerstbedoelde bedragen zullen gedurende een tijdvak van veertien jaren een jaarlijkschen last van twee millioen gulden uitmaken.

32

Sluiten