Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

veelbewogen leven, zulk een grooten en gezegenden invloed op hem mocht, uitoefenen. Ik noem u ten slotte Louise de Coligny, haar dochter, echtgenoote van onzen grooten Zwijger, voorzaat van onze geëerbiedigde Koningin, voor wie ik in deze geschiedkundige schets uw welwillende aandacht vraag.

Of wij dan een mensch willen bezingen? Of wij dan den naam van een mensch, zij het dan ook van een nobele vrouw, willen ©eren en grootmaken? Geenszins. Dat zou geheel in strijd zijn met den geest, die de wolk der getuigen, welke ons omringt en waarvan wij u enkele noemden, bezielde; dat zou geheel in strijd zijn met het karakter der Reformatie, waaraan zij allen en ook Louise de Coligny, hun beteekenisontleenen. „Dat allen het hoofd buigen voor den Almachtige," roept Calvijn ergens uit. Allen: zoowel rijken als armen, zoowel koningen als onderdanen. Dat allen in het stof dei- aarde nederzinken voor den Koning dei- koningen, „die de Vorsten te niet maakt en de richters der aarde maakt tot ijdelheid" (Jesaja 40 : 23). Daarom ook in deze regelen — en dat, terwijl wij een nobele verschijning voor u trachten te teekenen: weg met den mensch als zoodanig. Weg met zijn naam, zijn verdienste, zijn braafheid en deugd. Weg met zijn „goede werken", zijn „vroomheid", die het woord „genade" zouden kunnen verkrachten. Daarom worde slechts één klank ver-

Sluiten