Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ROMEINSCHE BOUWKUNST.

451

Romeinsche schrijvers gewagen herhaaldelijk van de pracht der binnenordonnantie. Voornamelijk zette het gebruik van kostbare bonte steensoorten invereeniging met een rijkdom aan metaalwerken daaraan den schitterendsten luister bij. De vloer is nog met inlegwerk van porfier, grijs graniet, phrygisch en numidisch marmer belegd in een patroon van afwisselend vierkante en ronde velden. De groote korinthische zuilen en pilasters bestaan uit wit marmer voor kapiteelen en basementen, uit phrygisch en numidisch marmer voor de schachten. Ook de zuilen der tabernakels van de kleine nissen bestaan gedeeltelijk uit deze marmers, gedeeltelijk uit porfier.

Van den rijkdom aan architektonische détails en metalen ornamenten, is bijna niets tot ons gekomen. Sporen van metaal, aan het gewelf gevonden, doen vermoeden, dat ook de zoldering met dit materiaal was getooid, hetzij alleen door versiering der caissons met gedreven ornament, hetzij door eene bekleeding van het gewelf in zijn geheel.

Een zeer kostbaar onderdeel uit oud-romeinschen tijd is de bronzen deur, die den eenigen toegang vormt. Terwijl de beide zijbeuken van den porticus in nissen eindigen, is de midden- ,

beuk door een portaal uitgebreid, in welks achterwand de statige hoofddeur zich bevindt. De beide zijwanden van het voorportaal zijn met gecanneleerde pilasters bekleed en daartusschen met reliëfs van kandelaars, offergereedschappen en festoenen verrijkt, die ook de muurvakken ter wederzijden van de deur versieren. Evenals deze geheele wandbekleeding bestaat ook

de deuromlijsting uit .,, ._, _ .

wit marmer; boven- en Afb' 47L °ndcrdeelen behoorende bij afb. 470.

onderdorpel zijn elk

uit één stuk. De buitengewone afmetingen der deur kan men afleiden uit het feit, dat de deurbekleeding met hare kroonlijst juist beantwoordt aan de hoogte der kolommen van het voorhuis. De 6 M. breede en 11,3 M. hooge deuropening is door een kalf — aan weerszijden op dorische pilasters rustend — zoodanig verdeeld, dat de eigenlijke deur de hoogte van 7,3 M. bereikt, terwijl die van den bovenlichtrooster 3,2 M. beslaat. Deuren, pilasters, kalf en bovenlicht zijn van brons. De rijk verdeelde deur bestaat uit tien paneelen. Het regelwerk en gedeeltelijk ook de paneelen zelf zijn, door bronzen spijkerkoppen en rozetten versierd (Afb. 470 en 471).

u r> een'g gedenkteeken van de gewijde bouwkunst der Romeinen — niet, als het Pantheon, door omvang en konstruktie, maar door de bestemming en den rijken tooi met reliëfs. — is de „Ara pacis augustae" op het Marsveld (13—9 v. Chr.) een monumentaal altaar, dat door een hooge, ter weerszijden met reliëfs bedekten muur omsloten was 1).

1) E. Petersen. Ara Pacis Augustae. Wien. 1902.

Sluiten