Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

8

krachtsinspanning op allerlei gebied. Duitschland begon zich te voelen het centrum van Europa, van de wereld, maar het begreep, dat, zoo het dit waarlijk wilde zijn, het ook moest zorgen voor rijkdom en op dien rijkdom steunende macht, door alle hulpbronnen waarover het beschikte, energisch te exploiteeren. De grootste en rijkste bron zou voor Duitschland kennelijk zijn de industrie, en dus moest vooral die industrie in de eerste plaats tot ontwikkeling gebracht worden. Dat viel niet licht, want hoezeer men ook in Duitschland gretig gebruik maakte van de zich ontwikkelende machinale techniek, — er moest gestreden worden tegen machtige concurrenten als Engeland en Frankrijk. Deze beide landen hadden op Duitschland voor dat zij een beter en zorgvuldiger gemaakt produkt konden leveren met grooter attractie dan het Duitsche. Engeland had, waarschijnlijk ten gevolge van zijn „splendid isolation", altijd nog iets overgehouden van een kuituur, zij 't dan ook verslapt en verhanseld, — dit, tezamen met de zekere trotsche zelfbewustheid die een langdurige periode van hoogen bloei aan het volk had bijgebracht, vermocht aan het Engelsche produkt een zekere „deftige" degelijkheid te geven, waardoor het op de wereldmarkt een goede reputatie had.

Frankrijk, waar nog de tradities leefden van betrekkelijk maar kort geleden doorgemaakte bloeitijdperken, waarin het land aan de geheele wereld een kuituur had gedicteerd, wist uit zijn overigens bijna totaal uitgeputte oude kuituren nog de laatste druppels bloed te knijpen, en daarmede aan zijn produkten die eigenaardige elegantie te geven, die op de immers totaal kuituur 1 o o z e koopers ter wereldmarkt nog altijd haar bedriegelijke bekoring deed gelden.

Duitschland had niets om daar tegenover te stellen. Zijn laatste sterke kuituurperiode lag veel verder terug dan die van Engeland en Frankrijk, — het had geleefd op Frankrijk en Italië en eigen, zeer vroeg, verleden, — en kon nu constateeren dat het esthetisch totaal was uitgeput. Zoodat het niet anders kon vinden om aan zijn produkten als attractie mede te geven dan een buitengewone goedkoopte. Vooral tegenover Engeland viel dat betrekkelijk gemakkelijk. Engeland met zijn

8

Sluiten