is toegevoegd aan uw favorieten.

Bepalingen en instructiën voor het bestuur van de buitendistricten van de Kaap de Goede Hoop (1805)

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

107

Art. 84.

Het Kollegie van Landdrost en Heemraden vergadert regulier, te Stellenbosch en Tulbagk, op den eersten Maandag van elke maand, en te Stellendam, Graaf-Reinet en Uitenhage, op den eersten Maandag van elk kwartaal, onder het Praesidium van den Landdrost, ten einde, overeenkomstig de voorschriften, vervat by de hierna volgende Instructie van het Kollegie, zoo over de belangens van het Distrikt, mitsgaders de rust en goede order in hetzelve, te raadplegen en te besluiten, als om regterlyk te termineren alle zaken, waarvan de Judicature aan Landdrost en Heemraden is gedemandeerd.

Ar(. 85.

De Landdrost is gehouden, om aan de onderscheidene Leden van het Kollegie van Landdrost en Heemraden, wanneer dezelve of iemand hunner zulks voor het aangaan der Vergadering van hem komen te verzoeken, opening te geven van alle voorstellen, welken hy voornemens is te doen.

Art. 86.

De Landdrost zal ter behoorlyker adsistentie van zyn Officie hebben, een Bode, een Onderschout en zes Ordonnantie-Ruiters, in bezolding van het Gouvernement, door hetzelve aan te stellen op voordragt van hem Landdrost; kunnende hy daarenboven nog engageren zes zoodanige Justitie-Dienaren, als tot hiertoe onder den naam van Kaffers zyn bekend geweest.

Art. 87.

Dezelve Bode, Onderschout, Ordonnantie-Ruiters en Dienaren zullen gehouden zyn na te komen en uit te voeren, al hetgeen hen door den Landdrost in de uitoefening van zyn Ambt zal worden geordonneerd; en zal de Landdrost dezelven behoorlyk tot hun pligt houden, en zorgen dat zy aan Heemraden en Secretaris bewyzen alle respect, en aan geen der Ingezetenen eenigen overlast en geweld aandoen.