is toegevoegd aan je favorieten.

Documenten betreffende de buitenlandsche handelspolitiek van Nederland in de negentiende eeuw

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

27q

instruction de mon gouvernement au sujet de votre esquisse d'une convention commercielle. Cependant j'avais mis le plus grand empressement a. lui communiquer votre note du 10e octobre1), qui expliquait d'une manière si détaillée la manière de voir de M. Huskisson relativement k cette importante matière. Je ne doute pas qu'immédiatement après la dite esquisse ne soit devenue 1'objet des plus sérieuses délibérations. Peut-être en apprendrai- je le résultat au retour de M. Strick, un des attachés de 1'ambassade, qui doit déja avoir quittéLa Haye et que j 'attends d'un moment k 1'autre; mais je n'en écris pas moins par le courrier d'ajourd'hui a M. de Coriinck pour le prier de presser mes instructions autant que cela dépendra de lui. Veuillez être persuadé que je désire autant'que V. E. et M. Huskisson de voir marcher cette affaire.

No. 139. — 1825, December 10. — verstolk

aan den koning a).

Ter eerbiedige voldoening aan U. M.'s verlangen, ter mijner kennis gebragt bij missive van den Secretaris van Staat van den 4c» dezer8), heb ik de eer met overlegging der in aanmerking komende stukken aan H. D. te onderwerpen een ontwerp van instinct iën voor den heer Falck, om den zei ven te strekken tot rigtsnoer in de voortzetting der commercieele onderhandelingen met. Engeland, vervat in eene missive aan gemelden ambassadeur *).

De bijna driejarige onderhandelingen, eenigzins wijdloopig geworden en laatstelijk eenigemate van natuur veranderd zijnde, is het mij doelmatig voorgekomen den tegenwoordigen staat der onderhandeling duidelijk voor te stellen en U. M.'s ambassadeur in korte woorden van de noodige instructiën te voorzien, naar welke hij zich ten aanzien van elk punt der onderhandeling volgens U. M.'s bedoelingen zal gedragen.

De poging tot verkrijging der door U. M. verlangde ontlasting op den invoer over en weder van eenige artikelen van Nederlandsche en Britsche nijverheid heb ik beschouwd als mislukt, doch

*) No. 131.

*) R. A., Buitenlandsche Zaken, 10 December 1823, no. 3 G. *) Aldaar, exh. 5 December 1825, no. 4 Geheim. *) No. 140.

onderhandelingen over een handelsverdrag.