is toegevoegd aan je favorieten.

De pro-acta der Dordtsche Synode in 1618

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

3°i

is van twijfelachtige waarde, daar het allerminst bewezen is, dat wij bij SièxirxKKoi en xoiyueveq aan twee afzonderlijke1) ambten te denken hebben (rtfe is ontbreekt voor iiSxTxx^ovi).

Het argument, door Ds. Lydius aan de vocatio interna ontleend, lag meer op de lijn der Anabaptisten en diergelijke geestdrijvers dan wel op die van het Gereformeerde Kerkrecht.

Zelfs zij, die het publieke optreden der Candidaten wilden toestaan, begeerden dit preeken niet dan onder allerlei beperkende bepalingen: De Classe moest consent verleenen; de proponenten moesten te goeder naam en faam bekend staan niet slechts in den meer intiemen kring der Universiteit maar ook daar buiten; ze mochten preeken alleen in geval van nood en dan steeds onder de leiding van een ervaren predikant en nooit in vacante gemeenten; er moest een behoorlijke kennis van de dogmatiek aanwezig zijn en (zoo besloot de Synode) alle hoogdravende vermaan-redenen tot de hoorders moesten achterwege blijven, ja heel de prediking moest zich bepalen tot dogmatische stoffen, d.w.z. ze moest een beslist voorwerpelijk karakter dragen.

Consequenter was zeker Gomarus, die niet wilde scheiden wat God vereend had en waar men aan de Candidaten de bediening der Sacramenten ontzei, hun ook de bediening des Woords niet wilde vergunnen, daar het Woord boven het Sacrament staat. *)

De andere adviezen, welke de Synode gaf omtrent het doopen door proponenten, het bijwonen der kerkeraadsvergaderingen, het voorlezen in de kerken, het bezoeken der kranken in gezelschap van een ervaren predikant, enz. waren moeilijk anders te geven dan de Dordtsche Synode deed.

In de kerken der verschülende provinciën heeft men met deze adviezen en besluiten wel rekening gehouden, gelijk uit de Kerkelijke Handboekjes van verschillende Classes en Synoden blijkt: Het publieke preeken van studenten in vacante kerken werd algemeen afgekeurd en verboden; *) de proponenten mochten wel

*) H. Bavinck, t. a. p., bldz. 15, 55, v.; P. A. E. Sillevis Smitt, t.a.p., bldz. 140, v.

2) Ook in de Gereformeerde Kerken duikt telkens deze kwestie weer op, hoewel op de Gen. Synode dier Kerken in 1908 besloten werd om aan Studenten in de Theologie, die nog geen praeparatoir examen voor de Classe deden, het optreden voor de gemeente niet toe te staan en bij de Kerken op naleving van dit besluit aan te dringen.

*) „Studenten mogen niet preeken ten tyde van den openbaaren Godsdienst, vooral niet op vacante plaatzen, noch in de nabyheid van dezelve, zoo min in de Week als