is toegevoegd aan uw favorieten.

De Remonstranten

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

EPISCOPIÜS EN DE SYNODE

83

ware. Daar zij beiden nu toch te zamen waren, vonden curatoren, dat Hommius nu meteen zijne beschuldigingen nader kon bewijzen, „maer heeft de voorsz. Festus daerop sich verexcuseert, seggende soo gereet daertoe niet te zijn ende oock daertoe niet te connen yoceeren mydts de siecte van zijn huysvrouwe." Daarmede ging hij, maar nu begonnen curatoren bang te worI den, dat de in zekere kringen invloedrijke man hen zou beschuldigen van zijne waarschuwing tegen Episcopiüs' ketterij te hebben geminacht. Zij lieten hem dus 's middags nog eens komen en spraken met hem af, dat hij schriftelijk zijne bezwaren zou indienen6). Het was, zeide ik, Augustus 1616 : de omkeer der meeningen deed zich al gevoelen. Ook moesten de verzorger en der hoogeschool aan beide richtingen plaats gunnen.

De poovere uitkomsten van het nu reeds jaren durende debatteeren met de tegenpartij hadden Episcopiüs skeptisch gemaakt ten opzichte van de Vruchten eener in 't uitzicht gestelde synode. Als hoogleeraar te Leiden zou hij — dacht men toen nog — lid dier vergadering moeten zijn, maar aan Vorstius, den rampspoedige, schreef hij liever zijn ambt te zullen nederleggen dan onder de tegen hem samengezworenen zitting te nemen en de goede zaak aldus in den raad der boozen der bespotting over te geven. Ik haat, schreef hij, alle synoden, die tot een ander doel dan alleen het bevorderen der waarheid tezamen komen6). De taal is al bitter genoeg: men bedenke, dat de langdurige strijd om belijdenis en kerkorde de gemoederen reeds merkelijk had verhit. Echter wezen de Staten van Holland en Westfriesland hem bij resolutie van 20 September 1618 aan om met Polyander de Leidsche hoogeschool ter synode te vertegenwoordigen. Reeds was de groote kentering ingetreden, Oldenbarnevelt 29 Augustus gevangen genomen en Wtenbogaert aan den avond van dien onheilsdag den lande ontvloden; zwaar lag de schrik der gebeurtenissen op land en volk, van onheil scheen de toekomst zwanger. De synode, nog op 't allerlaatst door dè ondergaande partij toegestaan, zou Dinsdag 13 November worden geopend. Des Zondags te voren hielden de remonstranten eene samenkomst te Leiden en besloten Episcopiüs met Corvinus, Pijnacker en Matthisius naar Dordrecht te zenden om de synode te verzoeken den hunnen gelegenheid te geven zich ter vergadering te komen verantwoorden. Dinsdag heeft Episcopiüs toen