Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

8

alleseter vergelijkt, kan het niet anders, of men moet dat verschil zeer groot noemen.

De groote dierkundige Cuvier schrijft in „Le Règne animal":

„Om het vleesch aan stukken te krijgen, moeten de kiezen scherp zijn en moeten de kaken, evenals de lemmers van een schaar, zich slechts kunnen openen en sluiten.

Voor het fijnmalen van graan of wortels moeten de kiezen een platte kroon hebben, die tevens oneffen is als een molensteen.

De mensch schijnt gemaakt te zijn om zich hoofdzakelijk te voeden met vruchten, wortels en andere saprijke plantendeelen. Zijn handen zijn in staat die vruchten te plukken, zijn korte kaken, zijn hoektanden bijna gelijk met de overige tanden en zijn maaltanden met oneffen kroon zouden hem bezwaarlijk veroorloven kruiden te gebruiken of vleesch te nuttigen wanneer hij niet die spijzen eerst door koking daartoe geschikt maakte.

Doch ook het geheele spijwerteringstoestel van den mensch bewijst, dat hij een vruchteneter is; Prof. Flourens zegt: de mensch is noch een vleeschetend, noch een kruidenetend wezen; hij heeft noch het gebit! der herkauwers, noch tiun vier magen, noch hun darmen. Van natuur , is hij een vruchteneter evenals de aap.

Ja maar, en nu kom ik tot het hygiënisch gedeelte, het eten van«vleesch is zoo gezond, zoo 'n pikant stukje vleesch is zoo opwekkend en de eetlust bevorderend, haast ieder geneesheer zegt, dat de mensch vleesch noodig heeft om zich, naar lichaam en geest krachtig te kunnen ontwikkelen. Doch of dat gezegde jttjeft is, meen ik te moetep betwijfelen en ik ben heilig overtuigd dat de tijd komen zal, dat de geneesheeren zullen inzien, dat het vleesch tot die voedsels behoort, welke — evenals de alkohol — Het-best gemist kunnen, ja, moesten vermeden wor-

Sluiten